Landenweb.nl

PERU
 

Basisgegevens
  Officiële
  landstaal
  Spaans
  Hoofdstad  Lima
  Oppervlakte  1.285.216 km²
  Inwoners  32.881.485
  (mei 2019)
  Munteenheid  sol
  (PEN)
  Tijdsverschil  -6
  Web  .pe
  Code.  PER
  Tel.  +51

Steden PERU

Lima

Geografie en Landschap

Geografie

Peru (officieel: República del Perú), is een republiek in Zuid-Amerika. De totale oppervlakte van Peru is 1.285.216 km2, inclusief 4997 km2 van het Peruaanse deel van het Titicacameer en exclusief 95 km2 van de eilanden in de Grote Oceaan. Peru komt wat grootte betreft in Zuid-Amerika op de derde plaats, achter Brazilië en Argentinië. Het land is ongeveer 35 keer zo groot als Nederland.

Peru ligt langs de kust van de Stille Oceaan (2400 km lange kustlijn) en wordt begrensd door Colombia (1496 km) en Ecuador (1420 km) in het noorden, Brazilië (1560 km) in het oosten en door Bolivia (900 km) en Chili (160 km) in het zuiden.

advertentie

Peru Satellietfoto

Foto:Publiek domein

Landschap

Van west naar oost kunnen drie gebieden worden onderscheiden: de Costa, de Sierra en de Selva.

De Costa omvat het voornamelijk woestijnachtige gebied langs de steile kust tussen de Grote Oceaan en de westelijke berghellingen van de Andes (ca. 11% van de totale oppervlakte van Peru). Deze 2400 kilometer lange kuststrook is een van de droogste gebieden op aarde; in sommige gebieden regent het maar een keer per twee jaar. Samen met de Atacama-woestijn in Chili vormt het een van de grootste woestijngebieden ter wereld.

De kustvlakte is alleen in het noorden (zandwoestijn van Sechura) tot 160 kilometer breed; zuidwaarts varieert de breedte van 30 tot 100 km. Het landschap bestaat deels uit vlakten en zandduinen, deels uit heuvelland dat langzaam overloopt in het Andesgebergte.

advertentie

Woetijn van Peru

Afbeelding:Hookery CCommons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

De Sierra omvat het Andesgebied, bestaande uit twee grote van noord naar zuide lopende ketens, de Cordillera Occidental en de Cordillera Oriental. Het gebergte beslaat ongeveer een derde van het land en de breedte varieert van 240 tot 400 kilometer.

In het noorden van het land liggen deze ketens dicht bij elkaar, maar in Zuid-Peru is deze afstand groot en hier ligt de Altiplano, een grote hoogvlakte die terrasgewijs afloopt naar het Titicacameer en een gemiddelde hoogte heeft van zo‘n 4000 meter. De hoogvlakte loopt door tot Zuid-Bolivia en ten westen van het meer loopt de Cordillera Marítima af naar de kust, met hoge vulkanen zoals de Misti (5822 meter) bij Arequipa.

De Cordillera Occidental is een vrijwel aaneengesloten keten. Het hoogste gedeelte bereikt deze keten in de Cordillera Blanca, een ononderbroken en sterk vergletsjerde keten met 29 bergen boven de 6000 meter, waarvan de Huascarán Sur met 6768 meter de hoogste berg van Peru is. In de Cordillera Blanca ligt ook de tweede berg van Peru, de 6655 meter hoge Huascarán Norte. De Cordillera Oriental wordt onderbroken door een aantal grote dwarsdalen, die quebrada’s genoemd worden.

advertentie

Huascarán Sur, hoogste berg in Peru

Photo:ZiaLater in het publiek domein

Dat de Andes ooit op zeeniveau heeft gelegen wordt bewezen door de vondst van fossielen en schelpen op 5000 meter hoogte.Door het op elkaar botsen van de continentale platen is de Andes ontstaan, en dit proces is nog steeds gaande. Hierdoor is er nog veel vulkanische activiteit waar te nemen en komen er nog regelmatig aardbevingen voor. Actief vulkanisme komt alleen nog in de omgeving van Arequipa en verder zuidwaarts voor. In het noorden en midden van de Peruaanse Andes zijn alle vulkanen gedoofd.

Ten noordwesten van Arequipa ligt de Cañón del Colca, met een diepte van 3182 meter, een van de diepste ravijnen ter wereld.

De tien hoogste bergen van Peru:

naamhoogtebergketen
Huascarán Sur6768 mCordillera Blanca
Huascarán Norte6655 mCordillera Blanca
Yerupajá Grande6634 mCordillera Huayhuash
Yerupajá Sur6515 mCordillera Huayhuash
Coropuna6425 mCordillera Chila
Huantsan6395 mCordillera Blanca
Huandoy Norte6395 mCordillera Blanca
Ausangate6372 mCordillera Vilcanota
Siula Grande6356 mCordillera Huayhuash
Huanday Oeste6356 mCordillera Blanca

De Selva omvat het gebied ten oosten van het Andesgebergte, en kan worden onderverdeeld in de Selva Alta (Hoge Selva) of Montaña, de oostelijke zeer sterk versneden Andeshellingen, zodat een landschap van scherpe bergkammen tussen diepe dalen ontstaan is, en de Selva Baja (Lage Selva), de Amazonelaagvlakte. Dit tropische laagland beslaat meer dan de helft van het Peruaanse grondgebied.

De ligging van Peru aan de rand van een tektonisch actief gebied is de oorzaak van het optreden van vulkanische verschijnselen en aardbevingen.

In Zuid-Peru zijn nog enkele vulkanen actief, o.a. El Misti (5835 m). De zwaarste aardbeving sinds eeuwen heeft zich op 31 mei 1970 voorgedaan in Midden-Peru, waarbij grote verwoestingen werden aangericht in het dal van de Río Santa (Huaylasvallei) en de steden Huaráz en Yungay van de aardbodem werden weggevaagd.

Rivieren en meren

advertentie

Titicatameer Peru

Photo:bobistravelling Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

In Peru ontstaat de machtige Amazone-rivier, hoewel over de precieze oorsprong nog altijd getwist wordt. Gemeten vanaf Peru tot aan de monding is de lengte van de Amazone ca. 6400 kilometer. Het stroomgebied strekt zich uit over een oppervlakte van zes miljoen vierkante kilometer. Door het tropische laagland van Peru (selva) meanderen meer dan vijfhonderd rivieren die allemaal uitkomen in de Amazone-rivier.

Belangrijk zijn de grote brontakken van de Amazone, die hoog tussen de Andesketens ontstaan, de Río Marañón, Río Huallaga en Río Ucayali met Río Apurímac en Río Urubamba. In Zuid-Peru ontspringt op de oosthelling van de Cordillera Oriental de Madre de Dios, die oostwaarts via de Madeira naar de Amazone stroomt. De rivieren aan de westkust zijn, uitgezonderd de Río Santa, van weinig belang, doordat ze slechts een deel van het jaar water bevatten.

advertentie

Río Marañón, Peru

De zuidwaarts stromende Río Ramis is de belangrijkste bronrivier van het Titicaca-meer, op 3812 m hoogte het hoogstgelegen bevaarbare meer ter wereld, waarvan 4996 km2 (totaal 8300 km2) tot Peru behoort. Het water van het meer komt verder uit vele riviertjes die regen- en smeltwater uit de Andes aanvoeren. Dwars door het meer loopt de grens met Bolivia.

Nog enkele gegevens:

Klimaat en Weer

Het laagland ligt geheel in het gebied van het tropische regenklimaat. De temperaturen en de regenval zijn overal hoog, vooral in het noordoosten. Zo heeft Iquitos een gemiddelde temperatuur 32°C en er valt bijna 3000 mm neerslag per jaar. De natste plaatsen van Peru liggen op de oostelijke hellingen.

De regentijd duurt van januari tot april, en overstromingen en aardverschuivingen zijn dan geen zeldzaamheid. Gedurende de droge tijd (mei-oktober) regent het soms weken achter elkaar niet.

In de zuidelijke regenwouden komen onverwachte koufronten uit het zuiden voor, die ‘friajes’ worden genoemd. Ze veroorzaken winderige, regenachtige dagen met dagtemperaturen van 13°-18°C en nachttemperaturen tot 10°C.

advertentie

Klimaatdiagram Juliaca, Peru

Afbeelding:Maksim CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Geheel anders is het klimaat in de bergen en op de Altiplano, de hoogvlakte. Hier heerst, al naar gelang de hoogte en de ligging een gematigd tot zelfs een arctisch klimaat. De gematigde streken zijn soms regenrijk, soms droog. De droogste tijd in de bergen ligt tussen mei en oktober, maar in de maanden juni tot augustus zijn er af en toe ‘nevada’s’, met sneeuwval op de toppen en hagel of regen in de dalen. Rond de 4700 meter hoogte variëren de temperaturen van 20°C overdag tot -15°C ’s nachts.

In de regentijd (oktober-april) ontvangen de oostelijke hellingen onder invloed van de passaat nog veel neerslag. De hoogvlakte en de lengtedalen liggen echter in de regenschaduw van de hoge Cordillera's. Op de zuidelijke hoogvlakten komen aanzienlijke temperatuurverschillen tussen dag en nacht voor en hier lijkt een toendraklimaat te heersen.

De sneeuwgrens ligt in de Cordillera Blanca meestal iets onder de 5000 meter. In verder naar het zuiden en verder landinwaarts gelegen delen van de Andes schuift deze op tot wel 6000 meter.

advertentie

Besneeuwde Cordillera Blanca, peru

Photo:Dick Culbert from Gibsons, B.C., Canada CC Attribution 2.0 Generic no changes made

De westkust is droog. De zuidoostpassaat waait hier van zuid naar noord parallel aan de kust, maar heeft onder invloed van de koude Peru- of Humboldtstroom en de felle tropenzon een geringe vochtigheid, zodat bij stijging voor de kust alleen nevel en motregen (garúa of camanchaca) worden gevormd. Door de koude Perustroom, met water uit het zuidpoolgebied, zijn de temperaturen aan de kust ca. 5 °C lager dan die op dezelfde hoogte aan de Atlantische kust van Zuid-Amerika. Vooral de hoofdstad Lima heeft er in de maanden april-november veel last van. Augustus heeft dan temperaturen tussen 13-17°C, terwijl de temperatuur normaal gesproken schommelt tussen 20°-26°C. De jaarlijkse neerslag bij Lima is gemiddeld 34 mm; vaak valt er jaren achtereen geen neerslag.

De droge tijd wordt eens in de zoveel jaar onderbroken door El Niño, een van de evenaar afkomstige warme stroom. Meestal gebeurt dit in de maand december en in 1998 richtte El Niño zeer veel schade aan in met name Noord-Peru. Talloze dorpen kregen te maken met zware overstromingen en modderstromen. In het El Niño-seizoen 1982/1983 ontving Lima meer dan 1000 mm neerslag!

advertentie

Klimaattabel Lima, Peru

Afbeelding: onbekend CC Attribution-Share Alike 3.0 Unportedno changes made

Iquitos (noordoosten/126 meter boven zeeniveau)

neerslag per maand in mm

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
280215270282267210191157197228261295

gemiddelde dagtemperatuur in °C

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
26,526,526,426,225,925,525,326,026,426,526,526,6

Piura (noordwesten/55 meter boven zeeniveau)

neerslag per maand in mm

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
32035307000112

gemiddelde dagtemperatuur in °C

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
26,827,727,726,724,523,021,921,821,922,323,625,3

Chachapoyas (noordoosten/2435 meter boven zeeniveau)

neerslag per maand in mm

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
79981028350192120589110569

gemiddelde dagtemperatuur in °C

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
15,215,215,215,515,415,214,414,615,215,616,015,8

Trujillo (westen/26 meter boven zeeniveau)

neerslag per maand in mm

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
323100000003

gemiddelde dagtemperatuur in °C

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
21,222,122,020,819,118,317,816,816,917,318,219,8

Lima (westen/30 meter boven zeeniveau)

neerslag per maand in mm

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
111111111101

gemiddelde dagtemperatuur in °C

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
22,122,722,220,618,817,516,716,216,417,318,720,7

Cuzco (zuiden-binnenland/3249 meter boven zeeniveau)

neerslag per maand in mm

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
153128107449248224779120

gemiddelde dagtemperatuur in °C

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
12,912,712,812,712,011,410,811,512,613,613,913,2

Arequipa (zuiden-kust/2506 meter boven zeeniveau)

neerslag per maand in mm

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
264021300000018

gemiddelde dagtemperatuur in °C

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
15,815,115,415,115,014,414,314,615,716,216,216,1

Planten en dieren

Planten

De woestijnachtige kuststrook is op sommige plaatsen vrijwel onbegroeid, op andere plaatsen bestaat de begroeiing slechts uit wat struikjes en lage, doornige bomen als de algarrobo, een acaciasoort.

advertentie

Prosopis pallida 'algarrobo'

Photo: Forest & Kim Starr Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made

Wat verder landinwaarts neemt de vegetatie toe met veel cactussen, vetplanten en epyfieten die zich aan rotsen en andere planten hechten. Enkele voorbeelden zijn bromelia’s, orchideeën en tillandsia’s.

Als de zeemist enkele maanden boven de kuststrook hangt leeft de woestijnbegroeiing op en zijn er kortstondig bolgewassen als lelies en begonia’s te zien. In het uiterste noorden van het Peruaanse kustgebied komen mangrovebossen voor. In de vrij droge valleien van de Andes groeien onder meer agaves, bromelia’s en cactussen, zoals de kandelaarcactus en de meloencactus.

De vochtiger dalen hebben een gevarieerde vegetatie, waaronder verschillende soorten orchideeën en bromelia’s. Op 4500 meter hoogte groeit de zeldzame reuzenbromelia Puya raimondi, met een recordstengel van wel tien meter waaraan zo’n 20.000 bloemen eenmalig bloeien waarna ze sterft. Tot 5000 meter komt een van de hoogst groeiende bomen voor, de qeñoa of polylepisboom, samen met grote lupines en de rimarina, een beschermde ranonkelsoort. Bijzonder zijn ook de yaretas, mossen die dicht op elkaar groeien in bolvormige structuren, o.a. d zeldzame azorella-kussens.

Puya Raimondi, Provincie Huaraz, Peru

Photo:Vane59 CCAttribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

In de Andes zijn ook vele soorten maïs en aardappelen te vinden. Van de maïs kennen we 49 soorten, van de aardappel zijn honderden wilde en gekweekte soorten bekend.

De boomgrens ligt in Peru rond de 3500 tot 4000 meter. De vegetaties tussen de boom- en sneeuwgrens worden, afhankelijk van de hoeveelheid neerslag, paramo of puna genoemd. Punavegatatie bestaat uit grassen, (korst)mossen en wat kruiden en struiken.

In het natte noorden van de Peruaanse Andes groeien de paramovegetaties, naast grassen groeien hier ook mossen, varens, kruiden en struiken. Bekende planten zijn hier de bergbromelia’s of puya’s. De dichtbegroeide nevelwouden liggen op de steile en vochtige hellingen aan de oostkant van de Andes. In dit ‘Ceja de la Montaña' is het vaak nevelig en valt veel neerslag.

Regenwoud in de provincie Satipo, Peru

Photo:Mr AndrewHolmes CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Op de bomen van het nevelwoud groeien vele soorten mossen, varens, orchideeën en bromelia’s; aan de takken hangen lange baardmossen. Op de grond groeien fuchsia’s, begonia’s, bomarea’s en pantoffelplantjes. Daar tussendoor staan metershoge boomvarens en bergbamboe.

Het nevelwoud gaat langzaam over in het de tropische regenwouden van het Amazonegebied. Hier komen onder andere ca. 2500 soorten loofbomen, waaronder 80 soorten palmen. De grootste bomen bereiken een hoogte van 60-70 meter en hebben vaak enorme plankwortels om zich staande te houden. De kronen van deze bomen kunnen wel een doorsnede hebben van 30 meter, en bestaan vaak uit kleine, dikke, leerachtige bladeren. Tegen de stammen van deze woudreuzen groeien lianen, epyfieten en parasieten. Onder de bomen groeien vele struiken, varens, en bladplanten als de opvallende heliconia, de aronskelk en wilde gembers. Orchideeën groeien vaak net onder de bladerkroon van de hoge bomen.

Enkele typische cultuurgewassen voor de Andes zijn de yuca en de rubberboom. De nationale boom van Peru is de medicinale cinchona of kinaboom, die de grondstof voor kinine levert en in de vlag van Peru voorkomt.

Kinaboom, nationaal symbool Peru

Photo:James Steakley CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Dieren

ZOOGDIEREN

De rode brulaap is een zeer luidruchtige bewoner van het Peruaanse regenwoud, die in groepen van ca. 15 exemplaren boven in de bomen leeft. De zwarte slingeraap beweegt zich met grote snelheid door het bladerdak van het oerwoud. Kapucijnapen zijn zeer intelligent; er zijn twee soorten, de bruine kapucijnaap en de witkopkapucijnaap. In de buurt van de kapucijnapen leven ook vaak grote groepen kleine doodshoofdaapjes, vaak in de onderste laag van de vegetatie. Vanwege het vlees wordt er veel op wolapen gejaagd; de meest algemene soort in Peru is de grijze wolaap.

Het nachtaapje is het enige nachtdier onder de Zuid-Amerikaanse apen. De kleine klauw- of dwergaapjes wegen vaak niet meer dan een halve kilo, onder andere penseelaapjes, zijdeaapjes en leeuwaapjes. De zadelrugtamarins komt het meest voor in Peru, waaronder de bruinrugtamarin.

Bruinrugtamarin, ondersoort van de zadelrugtamarin

Photo:D. Gordon E. Robertson CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De tandarme zoogdieren behoren tot de meest karakteristieke zoogdieren van Zuid-Amerika. Gordeldieren beschermen zichzelf tegen roofdieren door hun benige schild. In de regenwouden van het laagland leeft het reuzengordeldier.

De drie Latijns-Amerikaanse miereneters komen allen voor in Peru. De meest algemene is de tamandua, zeldzaam zijn de reuzenmiereneter en de dwergmiereneter. In het bladerdak leven de op de kop aan takken hangende trage tweeteenluiaard en de drieteenluiaard.

Reuzengordeldier

Photo:David J. Stang CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

In de meest ontoegankelijke wouden en moerassen leeft het bekendste en de grootste katachtige van Zuid-Amerika, de jaguar. De poema of bergleeuw komt tot op zeer grote hoogte voor. Andere Peruaanse katachtigen zijn de jaguaroundi, de ocelot, de tijgerkat en de margay. De pampaskat is een typisch dier van de bergvalleien, de Andes-kat is zeer zeldzaam en komt alleen voor in de zuidelijke hooglanden. De reuzenotter kan inclusief een 70 centimeter lange staart bijna 2 meter lang worden. In Peru leven nog maar enkele tientallen exemplaren. De zwarte brilbeer, de enige berensoort van Zuid-Amerika, is zeer zeldzaam en komt alleen nog maar voor op de oostelijke hellingen van de Andes. Het stinkdier komt voor tot op 4100 meter hoogte, van de kust tot in het nevelwoud aan de oostkant van de Andes. De Andes-vos komt in het hele Andesgebied voor en staat iets hoger op de poten dan zijn Europese en Amerikaanse tegenhangers. De Andes-wezel valt prooidieren aan die twee keer zo groot als hijzelf.

Margay

Photo: Clément Bardot Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Van de vier soorten kameelachtigen leven alleen de vicuña en de guanaco nog in het wild; de lama en de alpaca zijn al duizenden jaren geleden gedomesticeerd door de hooglandindianen van Peru. De vicuña, het nationale dier van Peru, leeft tot op zeer grote hoogte in Zuid-Peru; de guanaco komt nog maar zelden voor in het Peruaanse hoogland.

Vicuña, nationaal dier van Peru

Photo:Kilobug Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Tot de knaagdieren behoren de agouti, de bergvizcacha (grote chinchillasoort) en de paca, na de capibara of waterzwijn, het grootste knaagdier ter wereld. Een veel voorkomend diertje is de wilde cavia of ‘cuy’. Tot de hoefdieren behoren borstelzwijnen als de kraagpecari en witlippecari, en verder de laaglandtapir, het grootste zoogdier van Peru. Typische bosdieren zijn neusbeertjes of tejón.

Het reservaat Santuario Nacional de las Pampas del Heath langs de Boliviaanse grens is de enige plaats in Peru waar het moerashert rondloopt. Twee andere hertensoorten komen vrij veel voor, het witstaarthert en de ‘taruka’, bijna uitgestorven en levend op extreme hoogtes. In het nevelwoud leven twee kleine soorten herten, het dwergspieshert en de roodkleurige Pudua humilis.

Laaglandtapir

Photo:Jean-Marc Rosier from http://www.rosier.pro Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

VOGELS

In Peru komen ongeveer 1800 vogelsoorten voor. De indrukwekkendste roofvogel van Peru, en tevens de grootste roofvogel op aarde, is de Andescondor met het grootste vleugeloppervlak van alle vliegende vogels en een spanwijdte van ca. drie meter. Verwanten van deze gigant zijn de zwarte gier, de koningsgier en de kalkoengier. Een opvallende roofvogel is de bergcaracara, een zwart witte vogel met en rood, kaal gezicht. De zwaluwstaartwouw komt voor van het Andesgebied tot aan het hooggebergte.

Andescondor

Photo:Eric Kilby from USA CC Attribution-Share Alike 2.0 Genericno changes made

De nationale vogel van Peru is de rode rotshaan, die leeft in de nevelwouden op de hellingen van de Andes.

Rode rotshaan, nationale vogel van Peru

Photo:Ricardo Sánchez Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Andere bewoners van het nevelwoud zijn de groene gaai, de gekraagde gaai, de vetvogel en het Andes-sjakohoen, een grote bosvogel die voornamelijk in de bomen leeft.

Twee grote toekansoorten zijn de Cuviers toekan en de smaragdarasari’s. De grootste papegaaien van Peru zijn de vele soorten ara’s, onder andere de blauwgele ara, de roodgroene ara, de geelvleugelara, de rode ara en de groenvleugelara. Kleinere papegaaien zijn de blauwkoppapegaai, grote amazone en witoogaratinga.

Kolibries komen alleen op de Amerikaanse continenten voor. In Peru leven ongeveer vijftig soorten die zowel in het laagland als op de hoogste toppen van de Andes leven. De oasekolibrie leeft in de oases langs de kust, de gekraagde inca leeft in het nevelwoudgebied.

Oase of Atacamakolibrie

Photo:Ccelislagos CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

In de lagunes en langs rivieren leven grote steltlopers als de grote zilverreiger, witnekreiger, koereiger, schimmelkopooievaar, roze lepelaar en de grote, maar zeldzame jabiru. Diep in het woud langs de waterkant leven vijf soorten ijsvogels, onder andere de grote geringde ijsvogel en de kleine pygmee-ijsvogel.

De zangvogelorde van Peru bestaat uit meer dan twintig families en honderden soorten, zoals boomklevers, ovenvogels, mierenvogels, mannequins, vliegenvangers, zwaluwen, gaaien, winterkoninkjes, spotvogels, merels, wevervogels, tangaren, vinken en mussen.

Rond de bergmeren en in de moerassige dalen leeft de geelvleugelmerel en op 4000 meter hoogte leven onder andere de reuze Andeskoet, blauwsnaveleenden, futen, ralreigers, Andesmeeuwen, de donkere puna ibis en zwarte Andesganzen. De mierenetende grondspecht leeft op de boomloze puna’s.

Andesgans, Peru

Photo: Dick Daniels CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Oropendula’s zijn troepialen, die veel voorkomen in de gehele tropische laagvlakte en tot 2000 meter hoogte in het nevelwoud. De bijzondere hoatzin is een grote hoenderachtige. De kustwoestijn herbergt een gespecialiseerde fauna, waaronder een in holen in de grond broedend uiltje.

Opmerkelijke Amazone-vogels zijn de goudkopquetzal, paradijstanga, witvleugeltrompetvogel, jacana, harpij, bonte kuifarend, zwarthalscotinga, tijgerroerdomp, draadmanneke en Amerikaanse jassana.

REPTIELEN EN AMFIBIEËN

De grootste slang van Peru is de anaconda, die wel acht meter lang kan worden. Een andere grote wurgslang is de boa constrictor. De Peruaanse gifslangen zijn grofweg te verdelen in groefkopadders als de lanspuntslang of fer-de-lance en de bontgekleurde giftige koraalslangen.

De meest algemene krokodilachtige van Peru is de brilkaaiman en de twee keer zo grote, maar zeldzame zwarte kaaiman.

Zwarte kaaiman, Peru

Photo: Rigelus Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unportedno changes made

De arrau is de grootste rivierschildpad van Peru en de terekay is een kleinere variant.

Er leven vele soorten kikkers in Peru, waarvan de kleurige gifpijlkikkers de opvallendste zijn.

INSECTEN

In het oerwoud van Peru leven honderdduizenden soorten insecten. De meeste opvallende zijn wandelende takken, wandelende bladeren, lantaarnvliegen, termieten en parasolmieren.

VISSEN

Een van de grootste vissen van het Amazonegebied is de Pseudoplatystoma fasciatum uit de familie der antennemeervallen. Piranha’s zijn roofvissen die zelfs voor de mens gevaarlijk kunnen zijn. Ongevaarlijk maar wel nieuwsgierig zijn de zoetwaterdolfijnen. De ‘paiche’ is een primitieve vissoort die een lengte van twee meter kan bereiken en een gewicht van meer dan 80 kilo.

Pseudoplatystoma fasciatum uit de familie der antennemeervallen

Photo: Chrumps CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

BIJZONDER NATUURRESERVAAT

Bij de West-Peruaanse stad Pisco ligt het Reserva Natural Paracas, dat bestaat uit een schiereiland langs de woestijnkust. Voor de kust liggen de Islas Ballestas waar vele zeevogels voorkomen, zoals de bruine pelikaan, de Humboldtpinguïn, de grijze meeuw, de Amerikaanse scholekster, de zwarte scholekster, de Inca-stern, de fregatvogel, de roodpootaalscholver, de Humboldtgent en de Humboldtaalscholver. In mei en juni is de Chileense flamingo hier te vinden. Verder leven hier ca. 25.000 zeeleeuwen en zeeberen.

Reserva Natural Paracas, Peru

Photo: Josue Hermoza CC Attribution-Share Alike 3.0 Unportedno changes made

In 1988 maakten Peruaanse wetenschappers melding van een nieuwe walvissoort, de Mesplodon peruvianus, met maximaal vier meter lengte een van de kleinste vertegenwoordigers van de walvissenfamilie.

Geschiedenis

Prehistorie

Vanaf 10.000 jaar vóór het begin van onze jaartelling ontstonden de pre-Columbiaanse culturen in Peru. De overblijfselen daarvan zijn te vinden in de kuststrook, het Andesgebergte en in het Amazonegebied. Aan de andere kant bestaan er ook nog veel onduidelijkheden over de meest recente pre-Columbiaanse culturen.

De eerste bewoners van het gehele continent Amerika zijn zeer waarschijnlijk aan het einde van de laatste ijstijd, ca. 12.000 jaar geleden, over een smalle ijsbrug van Azië naar Noord-Amerika getrokken.

In een paar eeuwen tijd zijn deze nomadisch levende stammen van noord naar zuid getrokken, tot aan Vuurland in het uiterste zuiden van Zuid-Amerika. Een andere theorie is dat deze mensen niet over land, maar over zee, langs de kusten van Noord- en Zuid-Amerika zijn gevaren. Vondsten op verschillende plaatsen in Noord- en Zuid-Amerika, doen vermoeden dat er al veel eerder mensen woonden. Vondsten in Brazilië dateren al van meer dan 40.000 jaar geleden.

Kaarten die elke fase van het driestapskolonisatiemodel voor de bevolking van Amerika weergeven

afbeelding: Buzzzsherman, CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Sporen in Peru, met name in het Andesgebied, dateren in ieder geval van ca. 10.000 jaar geleden. Ze zijn gevonden rondom Ayacucho en het Titicacameer. Het waren jagers en verzamelaars die in grotten leefden, waar ze tekeningen op de rotswanden en stenen gebruiksvoorwerpen achterlieten.

Rond 6000 v.Chr. werden de eerste nederzettingen gebouwd en een begin gemaakt met vormen van landbouw en veeteelt. Zo werd de wilde guanaco getemd waar later de lama en de alpaca uit voortkwamen.

Rond 3000 v.Chr. werden langs de noordelijke kust en in de bergen de eerste grote gebouwen neergezet en ontstonden de eerste maatschappelijke organisatievormen. Door de introductie van irrigatietechnieken trokken er ook steeds meer mensen naar het binnenland om daar een bestaan op te bouwen. Door de veredeling van maïs werden de gemeenschappen steeds groter.

Verschillende indianen-culturen

Een belangrijke bron van informatie over de pre-Columbiaanse culturen is het keramiek, dat dateert van ca. 1800 v.Chr., en vanaf 1500 v.Chr. in geheel Peru gebruikt werd. Er zijn afbeeldingen te vinden van goden en andere mythische figuren, maar ook taferelen uit het dagelijkse leven zijn te vinden op dit aardewerk. Verder zijn er grote verschillen waar te nemen in de vorm: in het noorden maakte men veelal aardewerk met platte bodems in de vorm van dieren of mensen, in het zuiden had het aardewerk ronde bodems, vaak met twee tuiten.

De Chavín-cultuur (1400-400 v.Chr.) was de eerste belangrijke samenleving in Peru, met grote prestaties op het gebied van architectuur en beeldhouwkunst. Zij zorgden er ook voor dat maïs tot op grote hoogte verbouwd kon worden. De tempel Chavín de Huántar was in deze periode het godsdienstige centrum. Rond 400 v.Chr. verdween deze cultuur, maar een aantal ruïnes zijn nog steeds te bewonderen.

Artefact Chavin-cultuur, Peru

Photo: Dtarazona CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De Paracas-cultuur (800-100 v.Chr.) ontstond in het woestijngebied aan de zuidkust van Peru, en breidde zich na 200 v.Chr. uit tot de dalen van de Piso en de Chincha. Ze bouwden kleine dorpen en leefden vooral van de landbouw.

Opmerkelijk bij deze cultuur was de opzettelijke schedelvervorming bij pasgeborenen en ook schedeltrepanaties werden toegepast. Van deze cultuur zijn veel mummies gevonden en op weefgebied waren deze mensen onovertroffen.

Schedels van de Paracas-cultuur uit de Andes. Ze illustreren het afplatten van het hoofd, zoals dat gebruikelijk was bij de elite van deze cultuur

Photo: Robrrb at English Wikipedia CC Alike 3.0 Unported no changes made

Na 100 v.Chr. verdween deze cultuur en werd in ongeveer hetzelfde gebied opgevolgd door de Nazca-cultuur (100 v.Chr-600 n.Chr.). De Nazca woonden aan de rand van de woestijn en bouwden huizen, tempels en begraafplaatsen. Ze irrigeerden het land en verbouwden onder uiteraard maïs en verder maniok en limabonen. De mooiste aardewerken voorwerpen werden in deze periode gemaakt door de Nazca-pottenbakkers. Een bijzonder fenomeen zijn de zogenaamde Nazca-lijnen, geogliefen van honderden meters die in de woestijnbodem werden gemaakt en dieren en planten voorstellen. Ze vormen waarschijnlijk een astronomische kalender, maar worden ook toegeschreven aan buitenaardse bezoekers. De laatste periode van de Nazca wordt gekenmerkt door de overgang naar de Wari-cultuur.

Nazca mummies en schedelbegraafplaats in Peru

Photo: Peter van der Sluijs CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Tegelijkertijd met de Nazca-cultuur bestond ook de Moche-cultuur (100 v.Chr.-700 n.Chr.) langs de hele noordkust van Peru. De Moche waren ook kunstenaars op het gebied van de keramiek. Zij gebruikten als eerste mallen, matrijzen en stempels, waardoor er een enigszins industriële productie ontstond. Ze waren ook meesters in het verwerken van goud en ontwikkelden ook een techniek om tekeningen op een witte achtergrond te maken.

Leefgebied Moche-cultuur

Photo: Joel Takv CC 3.0 Unported no changes made

Aan de zuidelijke oevers van het Titicaca-meer ontstond de grote Tiwanaku-cultuur. De Tiwanaku waren landbouwers die geavanceerde technieken gebruikten, maar ook een uitgebreid handelsnetwerk opbouwden. In een aantal opzichten is er duidelijke verwantschap met de Chavin- en de Nasca-cultuur. De Tiwanaku gebruikten bouwtechnieken die later door de Kolla- en de Inca-cultuur overgenomen werden.

Tiwanaku: spiritueel en politiek centrum van de Tiwanaku cultuur

Photo: Francesco Bandarin CC Attribution-ShareAlike 3.0 IGOno changes made

De Wari (500-900) vestigden het eerste keizerrijk, door bijna alle bestaande culturen in de berggebieden en aan de kust te onderwerpen. Het was dan ook duidelijk een strijdlustig volk dat cultureel niet erg onderlegd was en veel stijlen en kennis kopieerde van andere volken. Door de Wari werd wel voor het eerst brons ontdekt en gebruikt.

Monoliet van de Wari-cultuur

Photo: Fer121 Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unportedno changes made

De Chimú-cultuur (1000-1480) ontwikkelde zich in hetzelfde gebied waar vroeger de Moche-cultuur bloeide. Belangrijk was de koningsstad Chan Chan, toen de grootste stad ter wereld met ca. 30.000 inwoners. Ze vergrootten de piramiden die door de Moche gebouwd waren en namen ook veel over van de Moche- en Wari-tradities. Doordat de keramiekkunst te gewoon was geworden leefde dit volk zich meer uit in de edelsmeedkunst. Veel van de goudschatten die door de Spanjaarden van de Inca’s geroofd werden, waren van de Chimú. Ze veroverden Lambayeque in het noorden en Chancay in het zuiden, maar werden zelf eind 15e eeuw door de Inca’s onder leiding van Tupac Yupanqui verslagen.

Kolfschelp, Chimú-cultuur, Peru, laat 15de-vroeg 16de eeuw, zwart aardewerk

Photo: Hiart Creative Commons CC0 1.0Universal Public Domain Dedication

Ten zuiden van het Chimú-rijk ontstond de Chancay-cultuur (1000-1400), en in het Nazca-gebied bloeide de Ica-cultuur (900-1550) op. De Ica-cultuur, die ook aardewerk van hoge kwaliteit afleverde, werd in 1470 door de Inca’s ingelijfd.

Chancay artefacten in het museum El Castillo, Chancay, Peru

Photo: Haroldarmitage CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De Chachapoyas, die onder andere door de Wari en later door de Inca’s opgejaagd werden, trokken zich terug in afgelegen berggebieden en leefden daar van de landbouw. Aanvankelijk bouwden ze ook zeer grote verdedigingswerken, zoals het fort van Kuelap in de bergen ten noordoosten van Cajamarca.

Oostelijke gevel van de muur rond het fort van Kuelap

Photo: Martin St-Amant (S23678) CC Attribution 3.0 Unportedno changes made

De Qulla (900-1300) woonden ten westen van het Titicaca-meer en waren landbouwers, maar verzetten zich hevig tegen de legers van de Inca’s. De Kolla’s waren ook gerenommeerde steenbewerkers, die onder andere indrukwekkende graftorens bouwden, onder andere die van Sillustani.

Pre-Spaanse begrafenistorens met uitzicht op het Umayo-meer op de Sillustani archeologische site ten noordwesten van Puno

Photo: David Stanley from Nanaimo, Canada CC Attribution 2.0 Generic no changes made

Het Inca-rijk

Vanuit de hoofdstad Cusco in Peru kwam o.a. Bolivia onder het gezag van de Inca’s (1200-1500 na Chr.). De taal van de Inca’s, het Quechua, moest door elke onderdaan gesproken worden en is nu nog steeds één van de officiële talen van Peru. Het Inca-rijk was verdeeld in vier gebieden waarvan Collasuyo een groot deel van Peru, geheel Chili, een stukje Noord-Argentinië en het huidige Bolivia omvatte.

Inca leger op pad, Peru

Photo: Miguel Vera León from Santiago, Chile CC Attribution 2.0 Generic no changes made

De Inca’s legden wegen aan en bouwden aquaducten, terrassen, forten en tempels. Ook ontstonden er grote steden in de vlaktes. Uiteindelijk zouden maar liefst 43 verschillende volken door de Inca’s onderworpen worden. Rond 1520 brokkelde het Inca-rijk langzaam af door onder andere interne conflicten en de komst van de Europeanen. Het hoogtepunt van de Inca-cultuur had al met al nog geen honderd jaar geduurd.

De komst van de Europeanen

In 1492 ontdekte Christoffel Columbus een aantal eilanden in het Caribisch gebied en noemde de eilandbewoners indianen. Hij dacht immers dat hij via een korte route naar Zuidoost-Azie gevaren was en in India aangekomen was. Begin 16e eeuw kwam men er al snel achter dat er een geheel ‘Nieuwe wereld’ ontdekt was. Het was de ontdekkingsreiziger Amerigo Vespucci die langs de oostkust van het Amerikaanse continent voer en zo Argentinië en Vuurland ontdekte. Enkele jaren eerder was de te ontdekken wereld door paus Alexander VI in twee stukken verdeeld. Met het oog op de evangelisatie van alle vreemde volken kregen de Spanjaarden de opdracht om ten westen van de meridiaan van Kaapverdië alle gebieden te bezetten; de Portugezen ten oosten daarvan.

Vasco Nuñez de Balboa

Photo: F.E.Wright CC 4.0 International no changes made

In 1513 werd de Grote Oceaan ontdekt door de Spanjaard Vasco Nuñez de Balboa. Hij deed dit door de landengte van Panama over te steken. Later was hij ook de eerste die de Peruaanse kust in beeld kreeg, maar nog niet aan land ging. In de eerste helft van de 16e eeuw namen de Spanjaarden vrijwel het gehele Caribische gebied in handen en van daaruit werden er vele expedities gehouden die er toe leidden dat grote delen van Midden- en Zuid-Amerika veroverd werden. Deze veroveringstocht, begonnen door Hernán Cortez, werd de ‘conquista’ genoemd en de mensen die eraan deelnamen de conquistadores.

Ruiterstandbeeld van Francisco Pizarro in Trujillo, Cáceres, Spanje

Photo: Carlos Delgado CC Attribution-Share Alike 3.0 Spain no changes made

De eerste conquistador die Peruaans grondgebied betrad was Francisco Pizarro, in 1525 bij Tumbes, in het noorden van Peru. Aanvankelijk bleef het daarbij, ondanks het feit dat er verteld werd over het machtige Inca-rijk waar veel te halen was voor de Spanjaarden. Enkele jaren later kreeg hij pas toestemming om terug te keren naar Peru, nu vergezeld van een behoorlijk groot leger. Op dat moment woedde al een strijd tussen de beide koningszonen Atahualpa en Huascar, onder wie het Inca-rijk was verdeeld. Ondanks het feit dat het Inca-rijk dus al in staat van verval verkeerde, had Pizarro met zijn mede-aanvoerder Diego de Almagro een list nodig om de Inca’s te verslaan. De Spanjaarden werden door de Inca-koning Atahualpa als ‘vrienden’ uitgenodigd, maar eenmaal daar aangekomen openden ze de onverwacht de aanval en namen de koning gevangen. Een half jaar later werd Atahualpa gedood door de Spanjaarden.

Atahualpa (ca. 1502 – 1533) was de 13de heerser van het Incarijk.

Photo: Carlos Delgado CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Men trad daarna in onderhandeling met de broer van Atahualpa, Manco II. Deze wilde Atahualpa graag opvolgen en vroeg de Spanjaarden om steun. Die kreeg hij, waardoor de Spanjaarden hun gang konden gaan en alle Inca-steden plunderden, en schepen vol met goud en andere kostbaarheden naar Spanje verscheepten. Dat hierbij duizenden Inca’s het leven lieten, zal geen verwondering wekken. Tijdens de hele conquista op de Amerikaanse continenten werden miljoenen indianen gedood, niet alleen door oorlogshandelingen maar ook door nieuwe ziekten die de Europeanen meebrachten.

In Peru brak ondertussen een machtsstrijd uit tussen Pizarro en Almagro, en ook de Inca’s onder leiding van Manco II lieten zich niet onbetuigd en vochten voor hun vrijheid. In 1538 werd Almagro door Pizarro geëxecuteerd en drie jaar later werd Pizarro zelf vermoord door de aanhangers van Almagro. In 1548 arriveerde de nieuwe onderkoning van Peru in de persoon van Pedro de la Gasca. Hij onderdrukte een nieuwe opstand van de conquistadores onder Pizarro’s broer Gonzalo, die onthoofd werd.

Manco II 'Inca'

Photo: Juan Bravo CC 3.0 Unportedno changes made

De indianen werden door de Spanjaarden als slaaf gebruikt en als minderwaardig ras behandeld. Het systeem zat zo in elkaar dat elke Spanjaard die zich in Zuid-Amerika vestigde, automatisch recht had om een bepaald gebied of dorp te pachten, een zogenaamd ‘encomienda’. De Spaanse pachters hadden wel de plicht om indianen tot het christendom te (laten) bekeren.

In 1550 al werden echter de ‘Leyes Nuevas’ van kracht, waarin de slavernij officieel werd afgeschaft, althans wat de indianen betreft. In werkelijkheid werden de indianen nog eeuwenlang als slaven behandeld, en daar kwamen de uit West-Afrika gehaalde zwarten later nog bij. Verder probeerden de Spanjaarden uit alle macht om de inheemse godsdiensten en culturele uitingen te veranderen naar Spaanse maatstaven. Verder werden gouden en zilveren kunstvoorwerpen omgesmolten of verscheept naar Europa en werden goud- en zilvermijnen leeggeroofd. Met al deze kostbaarheden werden de vele Spaanse oorlogen bekostigd en de economie van de Europese landen kreeg een enorme impuls. Ook nu nog worden er expedities georganiseerd om vermeende enorme goudschatten te vinden.

Het Lambayeque dodenmasker is een karakteristiek stuk van de Lambayeque of Sicán-kunst, een precolumbiaanse cultuur die zich tussen de 8e en de 15e eeuw in het noorden van Peru ontwikkelde

Photo: Manuel González Olaechea y Franco CC Attribution 3.0 Unported no changes made

Peru onafhankelijk

In 1739 werd het vice-koninkrijk Nieuw-Granada (Colombia, Venezuela en Panama) en in 1776 dat van Río de la Plata (Argentinië, Uruguay, Paraguay) van het vice-koninkrijk Peru afgescheiden.

Kaart vice-koninkrijk Peru
Photo: Arab Hafez at English Wikipedia CC Attribution 3.0 Unported no changes made

Eind 18e eeuw brak er nogmaals een grote opstand tegen de Spanjaarden uit. Deze opstand stond onder leiding van Tupac Amarú II, wiens eigenlijke naam José Gabriel Condorcanqui was. Hij was een afstammeling van de Inca’s die ook een groot deel van de creolen en de mestiezen achter zich kreeg, want zoals geheel Spaans-Amerika leed ook Peru sterk onder het monopolie van handel en nijverheid van het moederland. Aanvankelijk was hij aan de winnende hand, maar uiteindelijk wisten de Spanjaarden hem toch te verslaan en in 1781 werd hij, samen met de andere opstandelingenleiders op barbaarse wijze geëxecuteerd; bij Tupac Amarú werd o.a. de tong uitgesneden.

De onafhankelijkheidsstrijd in de Verenigde Staten werd met grote aandacht gevolgd door de hogere kringen in de Zuid-Amerikaanse koloniën. Toen de Verenigde Staten zich inderdaad losmaakte van Engeland was dat het sein voor de Zuid-Amerikaanse vrijheidsstrijders om in actie te komen. Belangrijk was ondertussen dat de positie van Spanje in Europa steeds minder belangrijk werd.

Monument voor Tupac Amaru II
Photo: Fmurillo26 CC Attribution-Share Alike 3.0 Unportedno changes made

In 1805 werd de Spaanse vloot bij de Slag van Trafalgar totaal vernietigd en in 1808 werd de Spaanse koning Karel IV door Napoleon gedwongen om af te treden. In 1812 werd Spanje een parlementaire democratie, wat in 1814 weer veranderde door de absolutistische Spaanse koning Ferdinand VII. Kortom, Spanje, eens het machtigste land ter wereld, raakte zijn leidende positie in snel tempo kwijt.

Een landing van revolutionairen uit Argentinië en Chili onder José de San Martín (1820) maakte ten slotte de onafhankelijkheidsverklaring mogelijk (28 juli 1821).

Daarop volgde een strijd met de Spanjaarden, die zich in het zuiden hadden teruggetrokken. Pas na de hulp die Simón Bolívar verleende, kon de onafhankelijkheid bevestigd worden; in 1824 werden de Spanjaarden bij Ayacucho verslagen.

José de San Martín was een Spaans-Argentijns generaal en de belangrijkste zuidelijke leider van de Zuid-Amerikaanse onafhankelijkheidsstrijd
Photo: bastique from San Francisco, United States CC Alike 2.0 Generic no changes made

De Spaanse koningsgezinden gaven zich niet zonder slag of stoot over en vluchtten de bergen in om van daaruit te vechten tegen de opstandelingen. Deze strijd duurde nog tot 1826, maar daarna was het afgelopen met de Spanjaarden in Peru.

Bolívar had grootse plannen en wilde van heel Zuid-Amerika één grote onafhankelijke staat maken. Dit streven had echter weinig kans want daarvoor waren de verschillen tussen de afzonderlijke gebieden veel te groot. Aanvankelijk wist hij wel een ‘Groot-Colombia’ aaneen te smeden, maar al snel ontstonden overal afscheidingsbewegingen en in 1827 maakte Peru zich los uit deze constructie en werd definitief onafhankelijk.

De republiek Peru

Voor de boeren en arbeiders bleef de situatie vrijwel hetzelfde: de armoede bleef. Peru bleef in feite in handen van enkele machtige families. De export bestond op dat moment uit o.a zilver, suiker, olie, koffie, katoen, rubber (sinds ca. 1850) en guano, een waardevolle vogelmeststof. Het geld dat hiermee verdiend werd ging grotendeels naar de bezitters van de landerijen en buitenlandse investeerders uit met name Engeland en de Verenigde Staten. In 1864 werd een van de Peruaanse guano-eilanden door de Spanjaarden bezet en er brak daardoor een oorlog uit. Peru kreeg hulp van Chili, Ecuador en Bolivia, en de Spanjaarden werden in 1866 verslagen. In 1879 erkende Spanje eindelijk de onafhankelijke status van de republiek Peru.

Gezicht op Chincha, een Guano-eiland van Peru
Photo: Manuel González Olaechea y Franco CC Alike 3.0 Unported no changes made

Hierna kozen de republieken Peru en Bolivia kort voor een gemeenschappelijk bestuur, maar splitsten zich uiteindelijk weer op in twee afzonderlijke republieken. De grenzen werden toen zodanig getrokken dat Bolivia de Atamaca-woestijn met de havenstad Antofogasta kreeg toegewezen, een groot deel van het huidige Chili. Chili viel in 1879 de kuststrook binnen en bezette de woestijn, waar veel kostbaar zout voor het oprapen lag. In de zogenaamde Salpeteroorlog of ‘Guerra del Pacifico’, kreeg Peru hulp van Bolivia. Er werden zeeslagen gehouden, bombardementen uitgevoerd en ook door een loopgravenoorlog sneuvelden er tienduizenden soldaten. Peru en Bolivia leden een vreselijke nederlaag, en moesten daar in politieke zin ook voor boeten.

Grenzen van Bolivia, Chili en Peru vóór de Pacific Oorlog
Photo: Haylli (assumed CC 3.0 Unported no changes made

In 1883 werd er een pact met Chili overeengekomen waarbij Peru de zuidelijke provincies Tarapacá en Arica moest afstaan aan Chili. De oorlog had ook voor de economie desastreuze gevolgen want in 1890 werd Peru in feite failliet verklaard en kwam het land eigenlijk onder controle van buitenlandse ondernemingen, die de havens, het treinverkeer en de lucratieve afgraving van guano beheerden. De arbeidsomstandigheden, met name op het platteland, werden er ook niet beter op, en de mensen leefden in isolement en armoede.

Eind 19e, begin 20e eeuw volgden de militaire dictaturen van generaal Nicolás de Piérola Villena en de presidenten Manuel Pardo (eerste burgerpresident) en Augusto Leguía y Salcedo elkaar in snel tempo op. De economie herstelde zich in de periode tot aan de Eerste Wereldoorlog enigszins, maar de buitenlandse schuld vertienvoudigde.

Augusto Bernardino Leguía y Salcedo was een Peruaans politicus en tweemaal president van het land, van 1908 tot 1912 en van 1919 tot 1930.
Photo: Fernando murillo gallegos CC 3.0 Unported no changes made

Interbellum

Na de Eerste Wereldoorlog investeerden Noord-Amerikaanse bedrijven ook in de koper- en zinkindustrie, maar ook nu kwamen de inkomsten terecht bij een kleine elite. Dat stuitte op veel onvrede onder de arbeiders en ontevreden arbeiders van suikerrietplantages nabij Trujillo richtten in 1924 de eerste arbeidersbeweging op, de Alianza Popular Revolucionario Americana (APRA). Deze beweging stond onder leiding van Haya de la Torre. Ook werd er een communistische partij opgericht, de PCP. In 1933 werd er een arbeidersopstand met harde hand neergeslagen door de toenmalige dictator Luis Miguel Sánchez Cerro. Zijn opvolger Óscar R. Benavides (1933-1939) herstelde een krachtig gezag en loodste zijn land vrij succesvol door de wereldwijde depressie in de jaren dertig, waardoor ook Peru getroffen werd.

Óscar Raymundo Benavides Larrea (15 maart 1876 - 2 juli 1945) was een vooraanstaand Peruviaans veldmaarschalk, diplomaat en politicus die de 45e (1914 - 1915, door een staatsgreep) en 49e (1933 - 1939) president van Peru is geweest
Photo: Fernando murillo gallegos CC 3.0 Unported no changes made

Hoewel Peru niet direct betrokken was bij de twee wereldoorlogen, werd er wel regelmatig oorlog gevoerd met Ecuador vanwege grensgeschillen en om land. In 1942 raakte Ecuador, vastgelegd in het Protocol van Rio de Janeiro, ca. 42% van haar grondgebied kwijt. Dit levert nog steeds regelmatig spanningen tussen beide landen op, meest recent nog in 1995.

Naoorlogse jaren

De naoorlogse jaren werden gekenmerkt door een komen en gaan van democratische regeringen en dictaturen. Direct na de Tweede Wereldoorlog werden de verkiezingen gewonnen door partijen van linkse en liberale signatuur. De eerste regeringsleider na de oorlog werd José Luis Bustamante en onder zijn leiding werden er liberale hervormingen doorgevoerd, zoals persvrijheid en het vastleggen van burgerrechten in de grondwet. Bustamante werd in 1948 afgezet door generaal Manuel Odría en onder zijn dictatoriaal bewind werden onderwijsvernieuwingen doorgevoerd.

Standbeeld van president José Luis Bustamante y Rivero, jurist, schrijver en president van Peru van 1945 tot 1948
Photo: Montonero86 CC 4.0 International no changes made

Onder zijn opvolger Prado (1956-1962) ging het langzaamaan weer beter met de economie ondanks hoge inflatiecijfers. De grote steden profiteerden het meeste van de groeiende economie, waardoor er veel mensen van het platteland naar de steden trokken.

De verkiezingen van 1962 kenden geen winnaar, maar de macht werd opgeëist door generaal Ricardo Pío Pérez Godoy, die echter al na een jaar werd opgevolgd door een militaire junta. Enkele maanden later werd het roer weer overgenomen door een burger, Fernando Belaúnde Terry van de Acción Popular (AP).

Militair bewind 1968-1978

Op 3 oktober 1968 werd er een militaire staatsgreep gepleegd door generaal Juan Velasco Alvarado. Het eerste wat hij deed voor de bevolking was om het land terug te geven en de grote bedrijven te nationaliseren, waaronder de IPC. Hij kon dit doen door de grondwet buiten werking te stellen, maar dit leverde wel een gespannen verhouding met de Amerikanen op. In 1970 ontstond de guerillabeweging Lichtend Pad (Sendero Luminoso), onder leiding van Abimael Guzmán. Vanaf 1980 werd deze beweging steeds gewelddadiger in een poging de door de bevolking zo vurig gewenste maatschappelijk veranderingen te bewerkstelligen.

Manuel Rubén Abimael Guzmán Reynoso is de voormalige leider van het Lichtend Pad tijdens de maoïstische opstand in Peru
Photo: altemark CC Attribution 2.0 Generic no changes made

Belangrijk voor de economie van Peru was de oprichting in Lima van de ANCOM, een economische unie waar verder nog de Andeslanden Venezuela, Bolivia, Colombia en Ecuador lid van werden.

De volgende staatsgreep vond plaats in 1975, dit keer door generaal Francisco Morales Bermudez. De door hem beloofde verkiezingen en een terugkeer naar een burgerlijke democratie werden gehouden in 1980, en Fernando Belaúnde Terry van de Acción Popular werd weer de nieuwe democratisch gekozen president. Hij had daarbij het geluk dat de door de militairen gesteunde APRA-leider Haya de la Torre in augustus 1979 overleed.

De economische positie bleef onder het liberale economische beleid van Belaúnde Terry precair, want de werkloosheid en de inflatie namen in snel tempo toe.

Fernando Belaúnde Terry was een Peruviaans politicus die tweemaal president van Peru is geweest (1963-1968 en 1980-1985)
Photo: Nando M. G. CC Attribution 2.0 Generic no changes made

Weer burgerlijk bestuur

In januari 1981 laaide het oude territoriale geschil met Ecuador over een deel van het Amazonegebied op tot een korte grensoorlog. Een ernstiger bedreiging voor de politieke stabiliteit vormden de toename van de illegale handel in cocaïne en de gewapende strijd waartoe de maoïstische guerrillabeweging Sendero Luminoso ( 'Lichtend Pad') vanaf 1980 overging. De ontevredenheid van de bevolking over het beleid van president Belaúnde leidde tot een groeiende aanhang voor de APRA en de IU (Izquierda Unida = Verenigd Links).

In april 1985 werd Belaúnde Terry opgevolgd door Alan García Pérez van de APRA, dat de verkiezingen had gewonnen. Hij was al snel populair bij de armen door het opschorten van de enorme buitenlandse schulden en hij beloofde het terrorisme te verslaan. Aanvankelijk leefde de economie op maar in 1988 zakte die volledig in elkaar. Ook zijn andere toezeggingen kon hij niet nakomen en dat maakte een einde aan zijn grote populariteit. In 1985 werd er een nieuwe guerillabeweging opgericht, de Movimiento Revolucionario Tupac Amaru (MRTA).

De groepering Movimiento Revolucionario Túpac Amaru (MRTA ) was een ondergrondse beweging in Peru die in 1984 ontstond. De naam gaat terug op de laatste Inca heerser Túpac Amaru , die in 1572 door de Spanjaarden gevangen werd genomen en geëxecuteerd
Photo: Yuyanapaq Lum CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Deze beweging werd verantwoordelijk voor vele terroristische aanslagen in met name de grote steden. Politie en leger traden hard op en er vielen in de periode tussen 1980 en 1992 tienduizenden slachtoffers. In 1988 verergerde de situatie nog door rechtse doodseskaders die de ene na de andere moordaanslag pleegden, waarna García Peréz vervroegd aftrad.

Periode Fujimori

De beroemde schrijver Mario Vargas Llosa was min of meer de spreekbuis van de verontruste Peruanen en stelde zich meteen kandidaat bij de presidentsverkiezingen van 1990 voor de rechts-liberale partij FREDEMO. Er kwam echter een onverwachte winnaar uit de bus, namelijk Alberto Fujimori van de nieuwe en onafhankelijke partij Cambio ’90. Hij kreeg daarbij de steun van de APRA en de linkse partijen. Fujimori was hoogleraar en een afstammeling van Japanse immigranten. De levensomstandigheden verslechterden echter verder, waardoor in 1991 de helft van de bevolking, merendeels indianen, onder de absolute armoedegrens kwam te verkeren.

Alberto Ken'ya Fujimori (Lima, 28 juli 1938) is een Peruaans politicus en in de jaren negentig president van Peru
Photo: Congreso de la República del Perú CC Attribution 2.0 Generic no changes made

Fujimori trok al snel bijna alle macht naar zich toe door het Nationale Congres en de Kamer van Gedeputeerden in 1992 te ontmantelen. De bedoeling was om hiermee de corruptie en de bureaucratie terug te dringen. De economie werd weer wat op de been geholpen door financiële steun vanuit Japan en door een privatiseringsgolf waarbij veel bedrijven aan buitenlandse investeerders verkocht werden. Er werd zowaar een succesje geboekt; de inflatie was in 1994 teruggelopen tot ‘maar’ 15%. In 1992 werden de leiders van Sendero Luminoso, Guzmán en Campos, gearresteerd. Ze werden tot levenslang veroordeeld en hun organisaties de daaropvolgden periode praktisch uitgeschakeld. De parlementsverkiezingen van 1992 werden gewonnen door Fujimori’s partij.

In 1995 werd Fujimori met ruime meerderheid (64% van de stemmen) herkozen als president en bij de parlementsverkiezingen behaalde Fujimori's partij een absolute meerderheid. De traditionele partijen, zoals de APRA en de Acción Popular, kwamen er niet aan te pas.

Fujimori kreeg eind 1996 te maken met de Revolutionaire Beweging Tupac Amarú (MRTA). Begin 1997 gijzelden de stedelijke guerrilleros in de residentie van de Japanse ambassadeur vier maanden lang hooggeplaatste functionarissen, die, zo luidde de eis, geruild zouden moeten worden tegen honderden gevangengenomen Tupac Amarú-strijders. De regering-Fujimori weigerde op die eis in te gaan en elitesoldaten ontzetten in een bliksemactie de gijzelaars.

Fujimori's autocratische regeerstijl eiste ook in 1997 weer verschillende slachtoffers. Drie rechters van het Constitutionele Hof werden ontslagen omdat zij zich hadden uitgesproken tegen de interpretatie van de grondwet door het parlement ten gunste van een derde ambtstermijn van Fujimori. In 1997 rezen twijfels over het geboorteland van de president. Volgens de grondwet moet hij namelijk in Peru geboren zijn.

De sociale tegenstellingen in Peru zijn schrijnend en dat verergerde onder Fujimori alleen nog maar. De indiaanse meerderheid van de bevolking leeft in zeer arme omstandigheden en ook de misdaad nam hand over hand toe. Na de moord op mijneigenaar Luis Hochschild en de ontvoering van diens zoon, kende het parlement op 12 mei 1997 president Fujimori speciale bevoegdheden toe om de georganiseerde misdaad aan te pakken.

Begin 1998 werd Peru, vooral in de kustdepartementen, getroffen door het klimaatverschijnsel El Niño. Ten minste 300 mensen verloren het leven door verdrinking, malaria, gele koorts en longontsteking; 30.000 huizen en vele wegen werden vernield. De regering kondigde in 15 van de 24 departementen de noodtoestand af.

21e eeuw

Eind december kondigde president Alberto Fujimori aan zich kandidaat te stellen voor de presidentsverkiezingen in 2000, en bij winst zou hij een derde achtereenvolgende keer het land regeren. Dit was echter bij grondwet verboden en de oppositiepartijen reageerden furieus. Volgens een grondwetswijziging die Fujimori tijdens zijn eerste ambtsperiode doorvoerde, mag een president slechts één keer herkozen worden. Fujimori verdedigde zich door te stellen dat de nieuwe Grondwet slechts geldt vanaf zijn tweede ambtsperiode.

Hoewel de populariteit van Fujimori door de slechte economische ontwikkelingen afnam, bleef hij de steun houden van de meeste politici. Door zijn autoritaire regeerstijl en het omstreden systeem van rechtspraak werd de kritiek vanuit het buitenland steeds scherper.

Op 9 april 2000 werden de presidentsverkiezingen gehouden, waarbij Fujimori, evenals zijn rivaal van indiaanse afkomst Alejandro Toledo, verrassenderwijs geen meerderheid behaalde, zodat een tweede ronde noodzakelijk werd.

Op 28 mei was de tweede verkiezingsronde met Fujimori als de enige kandidaat, omdat Toledo had zich teruggetrokken wegens verkiezingsfraude. Fujimori won uiteraard, maar de Verenigde Staten erkenden de verkiezingsuitslag niet. Er kwam een omkopingsschandaal aan het licht waarbij het hoofd van de veiligheidsdienst, en tevens Fujimori’s naast adviseur, Vladimiros Montesinos, was betrokken.

Dit schandaal leidde de val van president Fujimori in, en na een interim-regering onder leiding van Valentin Paniagua, won Alejandro Toledo de verkiezingen van voorjaar 2001. Het was een nek-aan-nek-race met Alan García, maar uiteindelijk trad Toledo op 28 juli 2001 aan als president.

De verbeteringen die de regering Toledo wil invoeren zijn: hervorming van de rechterlijke macht en van het electorale systeem, verbetering van het respect voor grondrechten, persvrijheid en beteugeling van de politieke invloed van inlichtingendiensten en strijdkrachten.

In september vaardigt het Hooggerechtshof in Peru een internationaal arrestatiebevel uit voor Fujimori, die op dat moment in een zelf gekozen ballingschap in japan zit. Sinds juni 2004 ziet Toledo zich niet meer gesteund door een meerderheid in het Congres. Zijn partij Peru Posible behaalde 45 van de 120 zetels en heeft derhalve een (gelegenheids)coalitie gevormd met FIM (Frente Independiente Moralizador) De regering blijkt ineffectief en Peru Posible wordt geteisterd door onderlinge strijd. Een aantal corruptieschandalen, waarin topambtenaren betrokken waren, heeft er voor gezorgd dat zijn populariteit nog verder is teruggelopen. Tal van kabinetswijzigingen volgden elkaar op en in juli 2004 ging het voorzitterschap van het Parlement naar de oppositie, met de verkiezing van Antero Flores Aráoz, van de PPC. In 2006 is hij opgevolgd door de gematigde ex-president Alan García van de Partido Aprista Peruano. In december 2007 staat Fujimori terecht op verdenking van machtsmisbruik. Hij krijgt hij zes jaar gevangenisstraf. Hij gaat in beroep maar dat is in april 2008 afgewezen.

In juli 2009 zijn er massale protesten van de vakbonden tegen het vrijhandelsbeleid van de regering.

President Garcia stelt een nieuwe premier, Javier Velasquez Quesquen aan en verschuift een groot gedeelte van het kabinet in een poging om het vertrouwen te herwinnen. In januari 2010 veroordeelt het hof Fujimori tot 25 jaar gevangenisstraf.

Sinds 28 juli 2011 is Ollanta Humala Tasso president en premier van Peru. In november 2012 komen de laatste artefacten die de Amerikaans archeoloog Hiram Bingham meegenomen had van de Machu Picchu volgens afspraak terug. In juni 2013 wordt Florindo Flores één van de originele leiders van het Lichtend Pad tot levenslang veroordeeld. In januari wordt de zeegrens tussen Chili en Peru vastgesteld door de Verenigde Naties. In juli 2014 wordt Ana Jara de nieuwe premier, alweer de zesde in een periode van drie jaar. In juni 2016 wordt Pedro Kuczynsky de nieuwe president en Fernando Zavala premier. In december 2017 wordt Fujimori vrijgelaten op medische gronden.

Francisco Rafael Sagasti Hochhausler is ingenieur, academicus en auteur en sinds 17 november 2020 president van Peru.

Francisco Sagasti, sinds 17 november 2020 president van Peru

Photo: Ministerio de Defensa del Perú CC Attribution 2.0 Genericno changes made

Bevolking

Samenstelling en spreiding

Naar schatting bestaat de Peruaanse bevolking in 2017 voor 45% uit raszuivere indianen, voor 37% uit mestiezen en 15% uit blanken, voornamelijk van Spaanse afkomst; 3% is van Aziatische,Afrikaanse of overige herkomst. De meeste indianen wonen in de Andes en in het Amazonegebied terwijl blanken en mestiezen veelal aan de kust wonen, en dan nog met name in grote steden als Lima, Arequipa en Trujillo. Op de sociale ladder staan de blanken nog steeds op de hoogste trede, daarna komen de mestiezen en ver daaronder pas de indianen. Na Bolivia is Peru het Zuid-Amerikaanse land met het grootste percentage indianen.

De zwarten stammen af van slaven uit Afrika die op de hacienda’s werden ingezet; Geschat wordt dat er tot 1810 meer dan 800.000 in Peru aankwamen. De meeste zwarten wonen in de buurt van Chincha, ten zuiden van Lima, omdat daar vroeger grote suikerplantages gevestigd waren.

De Chinezen en Japanners kwamen tussen 1850 en 1920 naar Peru als mankracht voor de aanleg van spoorlijnen. Fujimori was de eerste president van Japanse afkomst. Tussen 1876 en 1920 vestigden zich ook veel immigranten uit Europa zich in Peru: Italianen, Spanjaarden, Fransen, Engelsen en Duitsers.

De indianen van de bergstreken, ook wel hooglandindianen genoemd, behoren voornamelijk tot de Quechua’s, in de streek rond het Titicacameer wonen vooral Aymarás. De Quechua’s zijn onder te verdelen in verschillende groepen, die zich van elkaar onderscheiden in klederdracht, gebruiken en de streek waar ze wonen.

Een unieke groep Aymará-indianen vormen de Uros, die leven in de baai van Puno op drijvende eilanden die gemaakt zijn van totora-riet. De laatste decennia is hun cultuur sterk in het gedrang gekomen door het toenemende toerisme en gemengde huwelijken met Aymarás.

In het Amazonegebied wonen verschillende kleine stammen met ieder een aparte taal en eigen gewoontes en gebruiken. Deze regenwoudindianen zijn de oorspronkelijke bewoners van het Amazone-laagland. De levensstijl van sommige stammen is door het contact met de westerse mens grondig gewijzigd. Andere stammen vermijden bijna elk contact met de westerse mens.

In de omgeving van Iquitos wonen Yahua’s en Shipibo’s; in het centrale deel van het regenwoud wonen de Asháninka’s en Machiguenga’s; in de omgeving van het nationale park Manu wonen Yora’s.

Twee stammen waarvan men eigenlijk alleen weet dat ze bestaan heten Mashco Piro en Kogapacori en leven in de zuidoostelijke jungle. In de omgeving van Tarapoto wonen de Lamas-indianen.

Vroeger leidden al deze stammen een semi-nomadisch bestaan, nu leven ze vaak op een vaste plaats door het gebruik van moderne vervoersmiddelen. De voornaamste bestaansmiddelen zijn nog steeds landbouw en jacht. Sommige stammen verdienen er met kunstnijverheid voor de toeristen nog een centje bij. Aan de andere kant vormt vooral het toerisme voor de echte natuurvolken een serieuze bedreiging. Hun jachtgebieden worden verstoord en hun sociale leven en tradities komen onder zware druk te staan.

Vandaag de dag leven er nog ca. 200.000 Amazone-indianen in Peru, verdeeld in 53 etnische groeperingen, die talen spreken uit 12 verschillende linguïstische families. Sommige groepen, zoals de Toyeri, bestaan slechts uit enkele tientallen personen. Andere, zoals de Machiguenga, de Yahua en de Campa, hebben een bevolking van enkele (tien)duizenden personen.

Demografische gegevens

De jaarlijkse bevolkingstoename bedroeg in de periode 1985-1995 2,1% per jaar en zwakt in de 21e eeuw af tot rond de 1% (2017: 0,95%); het inwonertal is van 10,3 miljoen in 1961 gestegen tot 23,8 miljoen in 1995 en is in 2017 gestegen tot ruim 31 miljoen. De bevolkingsdichtheid bedraagt ca. 24 inwoners per km2.

Geboorte- en sterftecijfer waren in 2017 17.8 respectievelijk 6.1 per duizend; de kindersterfte bedroeg 18 per 1000 levendgeborenen. De gemiddelde levensverwachting bij geboorte bedraagt voor vrouwen 76,1 jaar en voor mannen 71,9 jaar. Van de bevolking woont ca. 78% in de steden (in 1960 46%).

De grootste bevolkingsconcentratie wordt gevormd door de hoofdstad Lima, namelijk 10,4 miljoen inwoners (1900: ca. 100.000 inwoners).

De leeftijdsopbouw van de Peruaanse bevolking is als volgt:

0-14 jaar: 26,3%

15-64 jaar: 65,3%

65+: 7,4%

Taal

Naast het Spaans, dat in Peru ‘Castellano’ genoemd wordt, heeft sinds 1975 ook het Quechua, gesproken door de indianen van het centrale bergland, de status van officiële taal; de indianen rond het Titicacameer spreken Aymará en de Amazone-indianen spreken weer een veelheid van hieraan niet-verwante talen.

Spaans wordt door ca. 70% van de bevolking gesproken. Het Quechua wordt door de meerderheid van de indiaanse bevolking gesproken. Het Aymará wordt nog door zo’n twee miljoen mensen in Peru en Bolivia gesproken. Het Quechua en het Aymará waren geen geschreven talen en hebben ook nu nog steeds geen officiële spellingswijze, waardoor de spelling van plaats tot plaats verschilt.

De Amazone-indianen zijn verdeeld in 53 etnische groeperingen die talen spreken uit 12 verschillende linguïstische families.

Onderstaand woordenlijstje geeft duidelijk aan hoezeer de drie belangrijkste talen in Peru van elkaar verschillen:

NederlandsSpaansAymaráQuechua
eenunomayau’luc
tweedospayaiscai
drietresquimsaquinsa
vijfcincope(i)saphisca
tiendieztuncachunca
morgenmañanaarumantitutamanta
zoonhijoyokachuri
zwartnegrochiarayana
neusnariznasasenca

Godsdienst

Ongeveer 96% van de bevolking is rooms-katholiek. Volgens de Constitutie van 1933 is er godsdienstvrijheid, maar de Rooms-Katholieke Kerk wordt door de staat geprotegeerd. De Rooms-Katholieke Kerk is de laatste decennia wel sterk veranderd en de directe invloed is tanende. De Rooms-Katholieke Kerk komt wel steeds meer in opstand tegen de armoede, de onrechtvaardigheid en ongelijkheid, en vervult daarmee nog een belangrijke functie in het maatschappelijke en politieke leven.

Om de gehele bevolking te kunnen bereiken worden de missen niet alleen in het Spaans gehouden, maar ook in Quechua, Aymará en andere dialecten. Omdat heidense praktijken in de koloniale tijd streng werden vervolgd, zijn veel van de oude tradities en gewoonten ingebed in het katholicisme. Vooral op het platteland worden Pachamama (‘Moeder Aarde’) en Maria naast elkaar vereerd. De katholieke kerk in Peru heeft 7 aartsbisdommen met 12 bisdommen, 14 vrije prelaturen en 8 apostolische vicariaten. In het hele onderwijs is de Katholieke Kerk nog prominent aanwezig en verschillende Peruaanse universiteiten zijn in handen van de Katholieke Kerk.

Van de bevolking is 3% protestants. Sinds 1900 is de invloed van de protestantse kerken steeds groter geworden, met name van adventisten, pinkstergemeenschappen, jehova’s, baptisten en mormonen.

De religie van de Andes-indianen is altijd al vermengd geweest met pre-Columbiaanse rituelen.

Samenleving

Staatsinrichting

Volgens de Grondwet van 29 december 1993 is Peru een presidentiële republiek en berust de wetgevende macht bij het Congres of ‘Congreso Constituyente Democratíco'. Het Congres bestaat uit een 120 leden tellende Kamer van Afgevaardigden die voor een periode van 5 jaar via directe verkiezingen gekozen wordt. Door de Kamer zelf worden 25 leden rechtstreeks aangewezen.

De uitvoerende macht berust bij de president, die wordt gekozen voor een ambtstermijn van 5 jaar. De zittende president mocht al voor de tweede gaan voor een nieuw ambtstermijn, in 2000 stemde het Congres in met een mogelijke derde termijn. Behaalt een kandidaat bij de directe verkiezingen 56% of meer van de stemmen, dan is hij verkozen, bij een lager stemmenpercentage volgt een tweede stemronde. Sinds april 2001 wordt er volgens een districtenstelsel gekozen. Er bestaat stemplicht voor burgers van 18 jaar en ouder (sinds 1980 ook voor analfabeten).

De president benoemt de minister-president en staat tevens aan het hoofd van de strijdkrachten. Hij heeft ook de macht om wetgeving te blokkeren als de uitvoerende macht het hier niet mee eens is. Voor de huidge politieke situatie zie hoofdstuk geschiedenis.

Administratieve indeling

Peru is bestuurlijk verdeeld in 25 regio’s en verder onderverdeeld in 156 provincies. De regio's worden bestuurd door benoemde prefecten, de districten door een rechtstreeks gekozen burgemeester.

overzicht regio’s:

regiohoofdstadoppervlakteaantal inwoners
AmazonasChachapoyas39.249 km2395.000
AncashHuaráz35.826 km21.050.000
ApurimacAbancay20.896 km2420.000
ArequipaArequipa63.345 km21.040.000
AyacuchoAyacuchu43.814 km2530.000
CajamarcaCajamarca33.247 km21.380.000
CallaoCallao147 km2740.000
CuscoCusco71.892 km21.140.000
HuancavelicaHuancavelica22.131 km2425.000
HuánucoHuánaco36.938 km2750.000
IcaIca21.328 km2635.000
JunínHuancayo44.410 km21.170.000
La LibertadTrujillo25.570 km21.450.000
LambayegueChiclayo14.231 km21.055.000
LimaLima34.802 km27.200.000
LoretoIquitos368.852 km2850.000
Madre de DiosPuerto Maldonado85.138 km280.000
MoqueguaMoquegua15.734 km2145.000
PascoCerro de Pasco25.320 km2250.000
PiuraPiura35.892 km21.550.000
PunoPuno71.999 km21.200.000
San MartínMoyobamba51.253 km2700.000
TacnaTacna16.076 km2265.000
TumbesTumbes4.669 km2185.000
UcayaliPucallpa102.411 km2400.000

Onderwijs

Vanaf 1972 is onderwijs verplicht voor kinderen tussen de zeven en zestien jaar oud, maar helaas behoort het onderwijsniveau in Peru tot het laagste in Latijns-Amerika. Uitval van leerlingen in de loop van de lagere school loopt op tot 40%, en maar gaan weinig leerlingen gaan door naar de middelbare school. Van alle zes- tot elfjarigen, voornamelijk buiten de grote steden, geniet ongeveer 12,7% geen onderwijs. In 2000 telde Peru ca. 50.000 onderwijsinstellingen.

Van de ongeveer vijftig universiteiten staat eenderde in de hoofdstad Lima en ongeveer een half miljoen studenten volgt een universitaire opleiding. Kwalitatief veel beter is het onderwijs aan privé-universiteiten, dat echter voor slechts weinigen is weggelegd.

Ca. 13% van de bevolking is analfabeet, waarvan het merendeel vrouwen. Op het platteland kan zelfs 45% van de vrouwen niet lezen, tegen 11% van de mannen.

Typisch Peru

NAZCA-LIJNEN

Nazca ligt in het zuiden van Peru, niet ver van de Stille Oceaan op de Pampa de San José. Het is de plaats van de mysterieuze tekeningen die aanleiding hebben gegeven tot de meest uiteenlopende theorieën. De lijnen en figuren van Nazca zijn in december 1994 door de Unesco beschermd als cultureel werelderfgoed. De lijnen werden in 1939 ontdekt door de Amerikaan Paul Kosok van de universiteit van Long Island.

De Nazca-lijnen zijn een reeks tekeningen van vogels (o.a. pelikaan, kolibrie), andere dieren en geometrische figuren als driehoeken, rechthoeken en spiralen, soms met een doorsnede van wel 300 meter en verder zijn er kaarsrechte lijnen van tien kilometer lengte.

De figuren zijn gemaakt door de woestijnbodem een tiental centimeters af te graven, waardoor een minder verweerd en lichter gekleurd deel van de bodem zichtbaar werd.

Wie de enorme tekeningen gemaakt heeft, is nog steeds niet duidelijk. Sommige archeologen zien er een astronomische kalender in, anderen denken aan kopieën van bepaalde sterrenconstellaties aan de hand waarvan de exacte beweging van de sterren kon worden vastgelegd. Fantasten denken aan landingsbanen voor buitenlandse luchtschepen! Men vermoedt dat de figuren zijn gemaakt tussen 200 v.Chr. en 600 na. Chr.

Nobelprijs Literatuur

De Peruaanse schrijver Mario Vargas Llosa (74) krijgt in 2010 de Nobelprijs voor de Literatuur. Hij krijgt de prijs wegens zijn rake typeringen van macht en verzet, meldde het Nobelcomité.

Vargas Llosa beschouwde de toekenning van de Nobelprijs aan hem als een erkenning van de Latijns-Amerikaanse literatuur en literatuur in de Spaanse taal.

Economie

Algemeen

Van oudsher is de economie sterk afhankelijk van de uitvoer van producten van landbouw, mijnbouw en visserij. De belangrijkste exportproducten zijn koper, zilver, suiker, vis en vismeel, koffie, katoen, coca en sinds enige jaren aardolie. In 2017 was van de beroepsbevolking 25,8% werkzaam in landbouw en visserij, 17,4% in industrie, bouwnijverheid en mijnbouw en 56,3% in de handel- en dienstensector, die in 2017 de volgende percentages aan het Bruto Nationaal Product (bnp) bijdroegen: 7,6%, 32,7% en 59,9%.

Na een periode van relatief stabiele economische ontwikkeling in de periode 1965-1980, kreeg Peru te kampen met een economische crisis. In de jaren tachtig groeide het bnp nog maar met gemiddeld 0,4% per jaar; per hoofd van de bevolking daalde het bnp met in totaal 30% tussen 1981 en 1991. Sindsdien groeit het bnp dankzij het stabilisatie- en aanpassingsbeleid weer met ca. 4% per jaar. Met name de periode 1993-1997 kende hoge groeicijfers. De economische groei bedroeg in 2017 2,5 %.

De inflatie was in de jaren tachtig en negentig zeer hoog. Inmiddels ligt de inflatie al enkele jaren onder de 5%. (in 2017 2,8%)

Het werkloosheidspercentage, officieel 6,9% in 2017, is in werkelijkheid vele malen hoger: 22,7% van de bevolking leeft onder de armoedegrens.

De informele sector is bijzonder groot in Peru, vooral veroorzaakt door de hoge werkloosheid. Men werkt dan bijvoorbeeld als straatverkoper of taxichauffeur.

Peru trad in 1969 toe tot het Andespact, een samenwerkingsverband tussen Bolivia, Colombia, Ecuador, Peru en Venezuela. Het doel van dit pact is de verwezenlijking van een sub regionale gemeenschappelijke markt. Tussen de Europese Unie en de landen van het Andespact bestaat sinds 1984 een samenwerkingsovereenkomst. In 1991 werd overeenstemming bereikt over het instellen van een vrijhandelszone, in eerste instantie tussen Venezuela, Colombia en Ecuador. Met de meeste landen in de regio sloot Peru bilaterale handelsovereenkomsten. Peru heeft toegang tot de Atlantische Oceaan via Puerto Suarez, de rivierhaven van Bolivia.

Landbouw, visserij, veeteelt en bosbouw

Van het totale landoppervlak is nog geen 3% in gebruik voor akkerbouw, 21% is weidegrond en 54% is met bos bedekt. Door klimatologische omstandigheden is oogsten aan de Peruaanse kust het gehele jaar door mogelijk.

Van de akkerbouwgrond wordt bijna de helft bevloeid met name in de geïrrigeerde terreinen in de Costa; de Sierra omvat 60% van het landbouwareaal, terwijl in de Selva (nu 15% van het areaal) nog grote gebieden voor landbouw geschikt te maken zijn.

Van de veelal op moderne bedrijven in de Costa verbouwde producten zijn suikerriet en katoen de belangrijkste, beide producten worden geëxporteerd; verder rijst, druiven, tabak, groenten (broccoli, bloemkool, uien) en fruit (vooral mango’s en verder o.a. passievruchten en citrusvruchten). De aspergeteelt is een echte groeisector en is nu al het voornaamste landbouwproduct voor de export. Witte asperges gaan vooral naar Europa, de groene variant gaat vooral ingevroren naar de Verenigde Staten.

De overwegend kleine bedrijfjes in de zeer intensief bebouwde Sierra produceren voedingsgewassen voor de binnenlandse markt als aardappelen, bonen, maïs, bananen, tarwe, haver, gerst, knolgewassen, quinoa en steeds meer exportgewassen als coca en koffie. In de Andes leeft een groot deel van de bevolking van ‘zelfvoorzienende landbouw’. De Selva produceert vooral katoen, rijst, bonen en bananen.

Peru is een belangrijke producent van het cocablad. Hoewel de bulk van de productie van cocabladeren en cocaïne zich momenteel in Colombia concentreert, wordt de zogenaamde ‘pasta básica’, een tussenproduct voor de uiteindelijke aanmaak van cocaïne, ook in Peru geproduceerd en naar Colombia vervoerd.

Deze ontwikkeling leidt ertoe dat ondanks de redelijk succesvolle bestrijding van de cocateelt, cocaboeren steeds meer betrokken raken bij de drugscriminaliteit.

Rundvee- en varkenshouderij vinden vooral plaats in de kustvlakten (zuivelproductie) en op de hoogvlakten in de Sierra; in de Sierra overweegt de schapenteelt, naast alpaca en lama.

Van groot economisch belang is de zeevisserij. Peru is na China het land met de grootste visvangst. Na een sterke teruggang in de vangsten van ansjovis en tonijn in 1972 en 1982/1983 (gevolg van overbevissing en veranderingen in de Humboldtstroom voor de kust, waardoor de visgronden tijdelijk verdwenen) leefde de visserij toch steeds weer op.

Ansjovis en sardines wordt grotendeels verwerkt tot vismeel en visolie. Peru is de grootste vismeelproducent ter wereld. De overige vis, vooral makreel, wordt diepgevroren of als conserven uitgevoerd.

Als eens in de zoveel jaar El Niño optreedt en warm tropisch water langs de kust stroomt, is alle vis daar weg en verkeert de visverwerkende industrie in een crisis. Ook het gevaar van overbevissing was lang aanwezig, maar sinds 1986 zijn er quota ingesteld.

Van de aanwezige houtvoorraad wordt maar een zeer klein gedeelte geëxploiteerd en met name de productie van hardhout is onvoldoende voor de binnenlandse behoefte. Per jaar wordt ongeveer 8 miljoen m3 hout gekapt voor de houtverwerkende industrie.

Uitbreiding van de bosbouw heeft grote prioriteit, waarbij vooral het transportprobleem de aandacht heeft.

In de Sierra wordt hout vooral als energiebron gebruikt, wat tot grote ecologische problemen heeft geleid als gevolg van erosie.

Mijnbouw en energievoorziening

De exploitatie van delfstoffen is van groot belang en de mijnbouw is dan een van de pijlers van de economie. Deze sector is traditioneel goed voor ca. de helft van de totale exportopbrengsten ban het land.

Peru is altijd al een belangrijke zilverproducent geweest (tweede op de wereldranglijst) en staat zesde op de ranglijst van koperproducenten, vierde op de ranglijst van zink-, lood- en tinproducenten, terwijl de uitvoer van aardolie een belangrijke bijdrage aan de deviezenontvangsten levert.

De mijnbouw was tussen 1906 en 1974 volledig in handen van Noord-Amerikaanse maatschappijen. Het grootste aandeel in de koperwinning hebben de mijnen van Toquepala en Cuajone. Het kopererts wordt grotendeels in Peru zelf geconcentreerd en gesmolten, en voor slechts de helft in het land geraffineerd. Andere belangrijke kopermijnen zijn die van Tintaya (bij Yauri), La Oraya en van Cerro Verde.

Van belang zijn voorts de winning van bismut, goud, cadmium, selenium en nog enkele andere zeldzame metalen, vaak in combinatie met koper en zink; ijzererts wordt bij Marcona gewonnen. De winning van uranium (een van de grootste vindplaatsen in Zuid-Amerika) bij Marochoca (dept. Junín) is van groot belang, zo ook (nog steeds) die van guano op enkele eilanden voor de kust. Guano is de nitraatrijke vogelmest op de rotsen voor de kust. De Sechurawoestijn levert kali en herbergt één van de drie grootste fosfaatreserves ter wereld.

De aardoliewinning, verwerking en verkoop is sinds 1968 gedeeltelijk in handen van de staatsmaatschappij PETROPERÚ. Peru is zelfvoorzienend voor aardolie, een derde wordt geëxporteerd.

De olieproductie neemt geleidelijk af door het uitputten van de bestaande velden en het ontbreken van belangrijke nieuwe exploratieactiviteiten.

Bij de energievoorziening van het land speelt de enorme waterkrachtreserve een grote rol; van het geïnstalleerd elektrisch vermogen (ca. 14 miljard kWh) bestaat 75% uit waterkrachtcentrales (Río Mantaro; Huinco). De staatselektriciteitsmaatschappij ELECTROPERÚ heeft het grootste deel van de openbare elektriciteitsproductie en -distributie in beheer, maar toch zit 35% van de bevolking zonder stroom.

Industrie

De verwerking van primaire producten uit landbouw, mijnbouw en visserij neemt nog steeds een belangrijke plaats in de industrie in. Verder is de productie van transportmiddelen en elektronica van belang. Ondanks de hervorming van de industriële sector en de nationalisaties sinds 1968 is de invloed van buitenlands kapitaal belangrijk gebleven en is de invloed van de arbeiders beperkt gebleven. De staatsondernemingen en genationaliseerde bedrijven worden beheerd door het in 1972 opgerichte INDUPERÚ, dat tevens tot taak heeft een decentralisatie van de industriële ontwikkeling tot stand te brengen.

Belangrijke industriële centra zijn:

Lima-Callao is het industriële centrum van het land: voedingsmiddelen, dranken, tabaksartikelen, textiel, elektronica, glas, rubber en cement Chimbote: vismeel, visolie, visconserven, staalindustrie

Chiclayo: suiker

Trujillo: auto's, tractoren, machines, motoren en suiker

Arequipa: textiel en zuivelproducten

Cuzco: textiel, kunstmest

Ilo: koperraffinage

La Oroya: koper- en zinksmelterij, metallurgie

Aardolieraffinaderijen in: Talara, Lima, Tumbes, Iquitos, Conchán, Pucallpa en Bayóvar

Nazca: staal

KLEDING EN TEXTIEL

Textiel is de belangrijkste tak van de niet-traditionele export van Peru, met als belangrijkste exportmarkt de Verenigde Staten. Het succes van de Peruaanse textiel komt onder andere door de erg goede kwaliteit van het katoen.

Handel

Tegenwoordig is cocaïne (in de vorm van zowel poeder als pasta) naast koper Peru's belangrijkste exportproduct. De opbrengsten uit de cocaïne zijn natuurlijk nergens in de officiële cijfers terug te vinden.

Naast koper zijn ook zilver, vismeel, zink, tin, koffie, ijzer en katoen belangrijke officiële exportartikelen.

De belangrijkste handelspartners zijn de Verenigde Staten, China, Canada, Japan en de EU, en verder de buurlanden van het Andes-Pact.

Ingevoerd worden vooral grondstoffen, halffabricaten, machines en voedingsmiddelen.

Verkeer en toerisme

De geografische structuur van het land veroorzaakt grote transportproblemen. Het grootste deel van het transport gaat over de weg. De lengte van het wegennet bedraagt ca. 80.000 km, waarvan maar 15% is geasfalteerd. De belangrijkste verkeersaders zijn de Carretera Panamericana (ca. 3400 km) van noord naar zuid grotendeels langs de kust, de Carretera Central Transandino, van Lima-Callao oostwaarts, die via La Oroya en Pucallpa in de toekomst aansluiting zal geven op de Braziliaanse Transamazone-snelweg, en de deels voor verkeer geopende, deels in aanleg verkerende Carretera Marginal de la Selva aan de oostzijde van het Andesgebergte. Het wegdek van de Pan American is nog niet zo lang geleden geheel vernieuwd en er is een tolsysteem ingevoerd om toekomstig onderhoud te bekostigen.

Het spoorwegnet (ca. 2500 km) bestaat uit negen onderling niet verbonden lijnen. Een groot deel hiervan verkeert in een zeer slechte staat en wordt voornamelijk gebruikt voor het transport van mineralen.

De binnenvaart speelt vooral een rol in het Amazonegebied (havens: Iquitos en Pucallpa) en op het Titicacameer. Het merendeel van de im- en export loopt via de zeehaven Callao, ca. driekwart van alle Peruaanse import en ca. een kwart van de totale export; van de overige 25 zeehavens zijn van belang Chimbote, Talara, Mollendo, Matarani, Ilo, Pisco, Salaverry, Bayóvar en Paita. De staatsscheepvaartmaatschappij Corporación Peruana de Vapores (CPV) beschikt over een koopvaardijvloot van ruim 600 schepen, waarvan een twintigtal tankers.

Behalve de internationale luchthavens van Lima (Jorge Chávez), Iquitos, Artequipa en Cuzco beschikt het land over ruim 300 vliegvelden en landingsstrips, waarvan er zeven geschikt zijn voor grotere vliegtuigen. De luchtvaartmaatschappij AEROPERÚ verzorgt het internationale vliegverkeer en een deel van het binnenlandse luchtverkeer, dit laatste samen met de particuliere Faucett.

Vakantie en bezienswaardigheden

Peru is vooral voor natuurliefhebbers een interessant land. Speciale attracties zijn het Andesgebergte, het Titicacameer en de Colca Canyon.

Peru staat verder natuurlijk bekend om zijn belangrijke erfenis van oude culturen. Een van de grootste toeristische trekpleisters is Cuzco, de oude hoofdstad van het Incarijk. De ruïnes van Machu Pichu worden het meest bezocht.

Machu Pichu, verloren stad van de Inca's

Photo: Esteban Garay H CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

De mysterieuze Nazca-lijnen in de zuidelijke woestijn zijn ook zeer populair. De spectaculaire vondst van het graf van ‘El Señor de Sipan’ in het noorden van Peru betekende een nieuwe trekpleister voor het toerisme.

Nasca lijnen in Peru

Photo: Peter van der Sluijs CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De Peruaanse overheid rekent binnen niet al te lange tijd op meer dan één miljoen bezoekers per jaar. Het grootste struikelblok om dit aantal snel te halen is de inadequate hotelinfrastructuur van Peru.

Lima heeft veel prachtige archeologische vindplaatsen, populaire tradities, tal van musea, kunstgalerijen, festivals en een aantrekkelijk nachtleven. De stad biedt een breed scala aan restaurants met zowel lokale specialiteiten als internationale gerechten. Het historische centrum van Lima, bestaat uit de districten Lima en Rimac en heeft de karakteristieke architectuur van het koloniale tijdperk en werd uitgeroepen tot werelderfgoed door UNESCO in 1988.

Enkele voorbeelden van deze historische koloniale architectuur zijn onder meer het klooster van San Francisco, de Plaza Mayor, de kathedraal, het klooster van Santo Domingo en het Paleis van Torre Tagle. Naast het bezoeken van archeologische vindplaatsen maken toeristen georganiseerde rondleidingen door de stad naar kerken, kloosters, paleizen, musea en galeries.

Paleis Torre Tagle, Lima, Peru

Photo: Capomo81 CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Klik op de menuknop bovenaan het scherm voor meer informatie

PERU LINKS

Advertenties
• Fox verre reizen van ANWB
• Peru Vliegtickets.nl
• Reis-Expert.nl
• Rondreizen Peru Tui Reizen
• Vakantie Peru
• Djoser Rondreis Peru
• Peru rondreizen met kinderen
• Rondreis Peru
• Backpackenzuidamerika.nl (N)
• Rondreizen Peru
• Lima Vliegtickets Tix.nl
• Autoverhuur Sunny Cars Peru
• Hotels Peru

Nuttige links

Foto- en reisverslag Bolivia en Peru
Inca Startkabel (N+E)
Peru Foto's
Peru Reisstart (N+E)
Peru Reisverslag (N)
Peru Start Belgie (N)
Reisinformatie Peru (N)
Reizen en duiken Peru (N)
Reizendoejezo - Peru (N)
Rondreis door Peru (N)
Rondreis Peru (N)

Bronnen

Le Grand, J.W. / Peru : mensen, politiek, economie, cultuur

Koninklijk Instituut voor de Tropen : Novib

Luft, A. / Peru

Elmar,

Lyle, G. / Peru

Chelsea House Publishers,

Peru

Cambium,

Peru, Bolivia

Lannoo

Rensink, E. / Peru

Gottmer,

Te gast in Peru

Informatie Verre Reizen

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt April 2021
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems