Landenweb.nl

EGYPTE
 

Basisgegevens
  Officiële
  landstaal
  Arabisch
  Hoofdstad  Caïro
  Oppervlakte  1.001.450 km²
  Inwoners  100.921.295
  (mei 2019)
  Munteenheid  Egyptisch pond
  (EGP)
  Tijdsverschil  +1 (zomer +2)
  Web  .eg
  Code.  EGY
  Tel.  +20

Steden EGYPTE

El gouna Hurghada Makadi bay
Marsa alamSharm el sheikh

Geografie en Landschap

Geografie

De Arabische Republiek Egypte (Arabisch: Jumhuriyat Misr al-Arabiya) is een republiek in Noordoost-Afrika en ligt op de grens van Azië en Afrika.

De totale oppervlakte van het land bedraagt 1.001.449 km2, en daarmee is Egypte ca. 24 keer groter dan Nederland. De grootste lengte is 1250 km, de grootste breedte 1100 km.

Egypte grenst in het noorden aan de Middellandse Zee, in het noordoosten aan de Gazastrook (11 km) en Israël (266 km), in het oosten aan de Rode Zee en de Golf van al-Aqabah, in het zuiden aan Soedan (1273 km), en in het westen aan Libië (1115 km). De totale lengte van de kustlijn bedraagt 2450 km.

Egypte ligt op twee continenten; het Suezkanaal scheidt het Afrikaanse deel van het Aziatische (Sinaï). Het Suezkanaal doorsnijdt de Isthmus (landengte) van Suez van Port Said tot Suez, en vormt de verbinding voor de zeescheepvaart tussen de Middellandse Zee en de Rode Zee. Het kanaal is 163 km lang, met een breedte die varieert van 365 tot 305 meter. Het kanaal heeft geen sluizen en de doorvaart vergt ca. 15 uur. De zeeroute van West-Europa naar het Verre Oosten wordt door het Suezkanaal verkort met 16.000 km.

advertentie

Satellietfoto Egypte

foto: publiek domein

Landschap

Egyptes grondgebied bestaat bijna volledig uit woestijn, ca. 96%. Het bewoonbare gebied is slechts 55.000 km2 groot en omvat de vallei en de delta van de Nijl, de kustgebieden langs de Middellandse en de Rode Zee en een paar oasen in de Westelijke Woestijn. Fysisch-geografisch kan het land in vier gebieden worden verdeeld: het Nijlgebied, de Westelijke Woestijn, de Oostelijke Woestijn en het Sinaïgebied.

Het Nijlgebied strekt zich 1250 km uit van de Soedanese grens tot de Middellandse Zee, is een vlak landschap, smal en bochtig. Vanaf de Soedanese grens tot ongeveer 320 km stroomafwaarts gaat de smalle Nijlvallei dwars door het Nubische zandsteen. Door de bouw van de Hoge Dam bij Aswan heeft zich hier het Nassermeer gevormd. Veertig kilometer ten noorden van Aswan is de alluviale vlakte ongeveer 16 km breed en zij wordt nog breder vanaf Isna, waar de Nijl tussen witte, steile kalksteenoevers stroomt. De grootste breedte van het Nijldal bedraagt 20 km. Van Aswan tot Assioet spreekt men van Opper-Egypte, daarna tot Caïro van Midden-Egypte.

Bij Caïro begint de Nijldelta (of Neder-Egypte), waar het grootste gedeelte van de Egyptische bevolking woont, een driehoekig alluviaal gebied, dat zich uitstrekt over een afstand van ca. 160 km van Alexandrië in het westen naar Port Said in het oosten. Meteen landinwaarts vanaf de kust bevindt zich een zone met moeras en brakke lagunes, waarvan gedeelten worden drooggelegd voor de landbouw.

advertentie

Loop van de Nijl vanaf ontstaan tot Egypte

foto: Imagico, CC BY-SA 2.5 no changes made

Ten westen van het Nijldal ligt de Westelijke of Libische Woestijn (Arabisch: Al-Sahra al-Gharbiyah), een zeer droog plateau dat ongeveer 75% van het totale grondgebied omvat, en het meest oostelijke deel van de Sahara. Deze woestijn heeft een gemiddelde hoogte van driehonderd meter. Het gebied is opgebouwd uit drie plateaus: twee van kalksteen, de Gilf al-Kabir en al-Diffah (Lybisch Plateau) en een groot plateau van zandsteen, het Nubisch plateau. Ca. 15% van de woestijn is bedekt met zandduinen. De Grote Zandzee (Bahr al-Rimal) strekt zich over honderden kilometers uit, en is daarmee het grootste duinengebied ter wereld. Bij een bepaalde duinvorm, het zogenaamde sikkelduin, wordt de helling door de aanhoudende wind steeds steiler en ontstaan er kleine lawines. Door dit wegglijdende zand verplaatsen de duinen zich geleidelijk. De afstand waarover dit gebeurt, varieert van enkele centimeters tot wel twintig meter per jaar.

Grote oasen komen voor in de zeven grote en een aantal kleine depressies waar zoet water wordt aangeboord. Daar woont ook de enige woestijnbevolking. De grootste oasen zijn Siwah, al-Bahriyah, al-Farafirah, al-Dakhilah en al-Kharigah. De al-Qattarah-depressie, tot 130 m onder de zeespiegel en 20.000 km2 groot, is te zout voor menselijke bewoning en een van de heetste gebieden op aarde. Er zijn temperaturen gemeten van ca. 60°C. Andere diepe depressies zijn al-Fayyum (ca. 2 miljoen inwoners) en Wadi al-Natrun. De depressies zijn ontstaan door een combinatie van bodemverzakkingen en wind- en watererosie.

advertentie

Oase Siwah, Egypte

foto: O.hicker, CC Attribution-Share Alike 2.5 Generic no changes made

De Oostelijke of Arabische Woestijn (al-Sahra al-Sharqiyah) strekt zich uit van de Nijlvallei tot de Rode Zee en gaat in het zuiden over in de Nubische Woestijn. Aan de noordkant liggen twee plateaus, de noordelijke en zuidelijke ‘Galala’. Evenwijdig aan de kust strekt zich het roodbruine Rode Zeegebergte uit met toppen van meer dan 1500 meter: de Dzjebel Sjajib reikt tot 2187 meter.

De afwatering van de bergen heeft hier in het verre verleden een netwerk van diepe wadi’s geschapen, die de bergruggen van elkaar scheiden. Hier zwerven nomadische herders, die aan veeteelt doen dankzij het water uit de hier en daar voorkomende bronnen en verborgen holtes of dat van onder de droge beddingen van de wadi's naar boven wordt gehaald. Op honderden meters hoogte boven de zeespiegel tonen fossielen in de kalksteen dat dit gebied ooit een zeebodem is geweest.

Het schiereiland Sinaï (ca. 6% van de totale oppervlakte) wordt door het Suezkanaal en de Golf van Suez gescheiden van de Oostelijke Woestijn en de Nijldelta. Dit onregelmatige, driehoekige plateau bereikt zijn grootste hoogte in het zuiden, waar de Katharinaberg of Jebel al-Deir de hoogste berg van Egypte (2641 m) vormt van een spectaculair berggebied. Dit gebergte is ongeveer 50 miljoen jaar geleden ontstaan door het uit elkaar drijven van de continentale platen. Een andere hoge berg is de heilige Dzjebel Musa (Berg Sinaï), 2285 meter.

advertentie

Hoogste berg van Egypte, Katharineberg of Jebel al-Deir

foto: Mohamed kamal 1984, CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Ten noorden van dit berggebied ligt het gortdroge al-Tih Plateau, dat doorsneden wordt door enorme wadi’s, en naar het noorden toe plaats maakt voor de kustvlakte met een gordel van zandduinen. Vulkanische gesteenten, kalk- en zandsteen zorgen voor kleurrijke contrasten van rood, groen en geel.

Nijl

advertentie

Saletliefoto Nasa Nijldelta Egypte

Foto:publiek domein

Het Nijldal, letterlijk Egyptes levensader, is in feite de langste oase ter wereld. Deze rivieroase heeft een totale oppervlakte van 35.000 km2, en strekt zich uit over 900 km tussen Caïro en Aswan. De oase bestaat uit een smalle strook vruchtbare landbouwgrond aan weerszijden van de rivier die nooit meer dan 20 km breed is.

De Nijl heeft twee bronrivieren, de Witte en de Blauwe Nijl, die samenvloeien bij Khartoum, de hoofdstad van Soedan. Hoewel de Witte Nijl veel langer is, komt 80% van het Nijlwater van de Blauwe Nijl, die ontspringt in het Tana-meer, op de Ethiopische hoogvlakte. Iets verder dan de Blauwe Nijl voegt zich ook nog de Atbara bij de rivier.

Door de Ethiopische moessonregens zwelt de Blauwe Nijl zozeer aan, dat het water van de Witte Nijl tegengehouden wordt. Die overstroomt dan en zet de wijde omgeving onder water. Het vloedwater van de Blauwe Nijl bereikt Egypte in september en de aanvoer is dan het grootst: zestien keer zoveel als het debiet in mei.

De verst gelegen bron van de Witte Nijl ligt in Burundi, 6.825 kilometer van de Middellandse-Zeekust. De Nijl is daarmee de langste rivier ter wereld. In de noordelijke moerasgebieden van Zuid-Soedan versterken de Gazellerivier (Bahr al-Ghazâl), de Girafferivier (Bahr az-Zarâfa) en de Sobat de waterloop van de Nijl. De laatste 2700 kilometer door Soedan en Egypte heeft de Nijl nergens zijrivieren. De Nijl doorsnijdt over een afstand van ca. 1500 kilometer het land, en komt even ten noorden van Wadi Halfa Egypte binnen.

advertentie

De Nijl ter hoogte van de de hoofdstad van Egypte, Caïro

Foto:Fakharany Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Ten noorden van Caïro begint de Nijldelta, een gebied met een oppervlakte van 20.000 km2, maximaal 250 km breed en 160 km lang. Dit gebied bestaat geheel uit slib dat de Nijl in de Middellandse Zee heeft afgezet. Doordat de Aswan-dam in 1971 gereedkwam, kwam aan deze slibafzetting tot een einde. De Nijl stroomt in twee hoofdarmen naar de zee, de Damiëtta- en Rosetta-arm, nog aangevuld met vele kleinere stroompjes en kanalen. Vroeger bezat de rivier zeven armen, maar vijf daarvan zijn dichtgeslibd. Vier ondiepe brakke meren (‘bahra’) vormen de overgang naar de Middellandse Zee. Deze meren worden nog van de zee gescheiden door smalle landtongen. De kuststrook van de delta is verder nog bezaaid met moerassen.

Oases

De enige bewoonde plekken ten westen van de Nijl-vallei en de Delta vormen oases of ‘wahat’ in de Libische Woestijn. Op zeven plaatsen komt genoeg water naar boven om permanente bewoning mogelijk te maken. Deze waterbronnen liggen op plaatsen waar waterhoudende grondlagen aan de oppervlakte komen. Soms worden die waterbronnen gevoed door regenwater dat in de omringende bergen is gevallen en zich in de grondlagen verzameld heeft. Soms komt het water omhoog uit fossiele watervoorraden (25.000-50.000 jaar oud), gevormd in periodes dat het klimaat in de Sahara veel vochtiger was dan op dit moment.

advertentie

Oase al-fayyum Egypte

foto: cynic zagor Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

De grootste ‘oase’ is die van al-Fayyum, met bijna twee miljoen inwoners. Eigenlijk is het geen echte oase, omdat het zijn water betrekt van de Nijl via de gekanaliseerde Bahr Yusuf, die bij al-Lahun de depressie binnenstroomt en zich daar vertakt in een spinnenweb van kanaaltjes. Ook de 24 meter beneden zeepeil liggende oase Wadi al-Natrun raakt steeds meer verbonden met de ‘bewoonde‘ wereld, onder andere door de weg Caïro-Alexandrië die er vlak langs loopt. Wadi al-Natrun is ongeveer 40 km lang, tussen de 8 en 10 km breed. Door het hoogteverschil bereikt uit de Nijl afkomstig grondwater de vallei, waar het weer aan de oppervlakte komt. Daardoor, in combinatie met de sterke verdamping, hebben zich zoutmeren gevormd, die in de zomer helemaal opdrogen. Wat achterblijft is keukenzout en natriumhydroxyde, een stof die in de tijd van de farao’s gebruikt werd als bestanddeel van balsem.

Siwa is de meest afgelegen oase en ligt op het laagste punt van een depressie (-18 meter). De oase heeft honderden bronnen, 400.000 dadelpalmen en een overvloed aan olijven, sinaasappelen en druiven. Het is een on-Egyptische wereld, waarvan de inwoners geen Arabisch spreken, maar een Berbers dialect, het Siwi. Het gebied rond de oase was tot 1991 een verboden militaire zone, maar is nu opengesteld voor toeristen en buitenlandse investeerders.

De oases Dakhla, El-Kharga en Bahariya zijn langgerekte linten van dorpen en plantages. De oase El-Kharga, op 1065 km van Caïro, is zeer lang en strekt zich uit over een lengte van bijna tweehonderd kilometer. In Bahariya bevindt zich een grote ijzerertsmijn, en vlak bij de Dakhla-oase is een fosfaatmijn geopend. De kleine oase Farafra ligt op een vlakte te midden van zandduinen. De terrasvormige landbouwgronden van de oases zijn beplant met groenten, fruit, granen, de klaversoort ‘bersim’, dadelpalmen en olijfbomen.

advertentie

Badr Museum in de oase Farafra, Egypte

foto: Ahmed Yousry Mahfouz CCAttribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Klimaat en Weer

Egypte heeft een woestijnklimaat met grote temperatuurverschillen tussen dag en nacht en tussen zomer en winter.

advertentie

Woestijnklimaat Egypte

foto: Cheesy 42 Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Het weer is erg standvastig; er zijn twee duidelijk te onderscheiden seizoenen: de hete zomer van mei tot oktober en de koelere winter van november tot april. In de woestijn overschrijdt de temperatuur in de zomer overdag gemakkelijk de 38°C in de schaduw, met uitlopers tot 50°C. Deze hitte ontsnapt 's nachts in de wolkenloze hemel, waarbij de temperatuur met 10 à 17°C daalt. De temperatuur in de winter ligt aanzienlijk lager: het gemiddelde in januari is 12 à 16°C. De berggebieden in de Sinaï kunnen in december en januari vrij koud zijn, en in de bergen valt bijna iedere winter sneeuw.

De neerslag is zeer gering, Caïro heeft gemiddeld zes regendagen per jaar, Alexandrië dertig. In het zuiden van het land regent het bijna nooit. In de lente trekken nu en dan depressies over Egypte, die de khamseen, een droge verzengende wind, bekend door zijn zandstormen, met zich meebrengen. Vijftig dagen lang (khamseen = 50), van maart tot in mei, kunnen de gevaarlijke zandstormen de kop opsteken (windsnelheden tot 150 km pr uur).

Hevige regenval in Caïro, Egypte

foto: Mohamed Hozyen, CCAttribution-Share Alike 4.0 International no changes made

In tegenstelling tot het binnenland kent de Middellandse Zeekust regenval in de winter (100 à 200 mm). De kust heeft bovendien zachtere winters en lagere zomertemperaturen dan het binnenland, door het matigende effect van de Middellandse Zee. Ook de temperatuurverschillen tussen dag en nacht zijn lang niet zo groot.

Alexandrië is de koelste plaats van het land. De gemiddelde temperaturen in januari schommelen tussen de 10,5 en 18°C, in juli tussen de 23 en 29°C. Alexandrië en de westelijke kuststrook van de Delta gelden met meer dan honderd millimeter regen per jaar ook als het natste gebied van Egypte.

Planten en dieren

Planten

De wadigronden, vooral ten oosten van de Nijl, zijn vooral begroeid met struikgewas. Het grootste deel van de woestijn is verder zo goed als onbegroeid.

Typische woestijnplanten zijn o.a. ruw gras, tamarisken en dwergmimosa's. Dadelpalmen bloeien in het Nijldal en in de oasen, waar men het grondwater dicht bij de oppervlakte aantreft. Overigens is het er langs de Nijl vrijwel alleen nog sprake van cultuurlandschap, waar miljoenen dadelpalmen groeien en groenten en graan verbouwd worden.

Dadelpalm komt zeer veel voor in Egypte

foto:B. Simpson Cairocamels, Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made

Her en der zijn nog wel andere bomen en planten te zien, onder andere vijgenbomen, citrusbomen, mango’s, tamarindes, mimosa’s, cipressen en de uitheemse Australische eucalyptussen. Voor kleur en geur zorgen bijvoorbeeld rozen, bougainville en jasmijn.

Langs de Nijl groeit de beschermde papyrus, een sierlijke rietsoort en een van de symbolen van Egypte.

Papyrusriet

foto: ProjectManhattan in het publieke domein

Dieren

In de Nijl worden ca. 160 vissoorten aangetroffen, waarvan de nijl- of Victoriabaars de bekendste is. Door overbevissing komen zeer grote exemplaren van meer dan vijftig kilo bijna niet meer voor. Deze zijn nog wel te vinden in het Nassermeer in het zuiden van het land. Bijzonder zijn ook longvissen, die zelfs kunnen overleven in modderpoelen.

Nijl- of Victoriabaars, Egypte

foto: Daiju Azuma, Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

In het Sinaïgebergte komen steenbokken en panters zeldzaam voor. Ondanks de overbevolking zijn de woestijngebieden hier en daar nog ongerept. De Sinaï en de Rode-Zeekust bieden een van de beste scuba-duikmogelijkheden ter wereld.

De Rode Zee is warm genoeg en op sommige plekken ondiep genoeg om de groei van koralen mogelijk te maken. Koralen zijn minieme poliepen die samenscholen in kolonies. Wanneer koralen sterven groeit de volgende generatie erbovenop, en in de loop der tijd ontwikkelen ze zich tot fantastische formaties. De koraaldiertjes bevatten namelijk veel kalk; sterven ze af, dan blijft het kalkomhulsel achter In de Egyptische onderwaterwereld leven meer dan 800 prachtige soorten vissen. De meest voorkomende zijn de gele anemoonvis en de rifbaars, en verder o.a. de gemaskerde vlindervis, diamantbaars, keizervis en Napoleonvis. Op grotere diepte leven verschillende soorten haaien (o.a. tijgerhaai, rifhaai, grijze haai, luipaardhaai en hamerhaai), barracuda’s, moeralen en pijlstaartroggen.

Verder leven er rond de koraalriffen sponzen, zeepaardjes, zeesterren, schelpdieren en kreeften. Gevaarlijke soorten zijn murenen, steenvissen, schorpioenvissen, zee-anemonen, zee-egels, sidderroggen, koraalduivels en brandkoraal.

Koraal in Rode Zee, Marsa Alam, Egypte

foto:Giorgio Galeotti Creative Commons Attribution 4.0 International no changes made

In de westelijke woestijngebieden komen toeristen gewoonlijk alleen mieren, torren, vliegen, vlooien, schorpioenen en soms een kudde gazellen tegen. Toch zijn er veel meer wilde dieren te vinden: o.a. cheetah’s, oryxen, hyena’s, jakhalzen, woestijnvossen, ratten, egels, hazen, mangoesten, wezels en verschillende soorten slangen. Tot de bekendste giftige slangen behoren de cobra en de zandadder. Ook schorpioenen zijn gevaarlijke gasten.

In de hele woestijn treft men roofvogels aan, zoals de Egyptische gier en verschillende valkensoorten. Woestijnvossen slapen overdag en verlaten hun holen alleen ’s nachts. Dankzij hun uitstekende gehoor kunnen ze in het donker insecten en kleine zoogdieren vangen. Oasen vormen een ideale habitat voor allerlei soorten dieren, zoals de gestreepte hyena, de Egyptiche ichneumon (faraorat) en de kleine groene bijeneter.

Aasgier, Egyptische of witte krenggier, typische vogel voor Egypte

foto: Arjan Haverkamp, Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Egyptische ichneumon (ook wel faraorat) is typisch voor Egypte

foto: Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

In Egypte komen ca. 350 vogelsoorten voor. Ongeveer 150 soorten verblijven vast in het land, de rest zijn trekvogels die doorvliegen naar oostelijk Afrika, of zomergasten uit tropisch Afrika. Bij het Bardawil-meer is in 1985 het natuurreservaat Saranik gesticht; een van de belangrijkste pleisterplaatsen voor vogels tussen Afrika en Eurazië. Er zijn tot nu toe ca. 250 soorten waargenomen, waaronder de roze pelikaan, flamingo, blauwe reiger, grote zilverreiger, roerdomp, kluut en aalscholver. Inheemse soorten die hier voorkomen zijn de zeldzame kleine torenvalk, marmereend, steppekievit en kwartelkoning.

Kleine torenvalk, zeldzaam in Egypte

foto:MinoZig Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Vogels die opvallen zijn lepelaars, ooievaars, koereigers, pelikanen, flamingo’s, bijeneters, ijsvogels, purperkoeten en de markante hop. Befaamd is de nijl- of vosgans, die met name in Aswan veel te zien is. Beschermde vogels zijn de kievit, visarend, Barbarijse valk, bastaardwouw, en purperreiger.

De woestijnen zijn het thuis van verschillende soorten zandhoenders en patrijzen. Bijzonder is nog de kraagtrap, een mooie loopvogel, waarvan er door de jacht echter niet zoveel meer zijn. De struisvogels schijnt nog voor te komen in de Westelijke woestijn en in het beschermde gebied rond Gabal Elba in het zuidoosten van Egypte.

Nijl- of vosgans, kenmerkende ganzensoort voor Egypte

foto;Lip Kee Yap, Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

De ibis, geassocieerd met de god Thot, en veelvuldig afgebeeld op kunstwerken, verdween al in de 19e eeuw uit Egypte.

Grote zoogdieren als leeuwen, olifanten, giraffen en nijlpaarden (voor het laatste gezien in Aswan, 1816) komen al honderden tot duizenden jaren niet meer voor in Egypte. Nijlkrokodillen komen alleen nog maar voor in het Nassermeer, nijlvaranen komen nog vrij algemeen voor.

Nijlvaraan, grootste hagedis van Afrika en Egypte

foto:Bernard DUPONT from FRANCE CCAttribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

’Kamelen’

De uit Perzië afkomstige Camelus dromedarius, de eenbultige kameel of dromedaris, is onmisbaar in Egypte. Ze worden naar het Arabische ‘kemal’ meestal 'camel' genoemd in Engelstalige landen, maar dromedaris in het Nederlands.

Deze reusachtige hoefdieren hebben eeuwenlang, tot vandaag de dag, het vervoer van goederen en personen verzorgd door de woestijnen van Afrika en het Midden-Oosten. De dromedaris heeft zich in de loop van duizenden jaren zeer goed aangepast aan het harde leven in de woestijn.

Dromedaris, vervoersmiddel in Egypte

foto: Agadez, Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Dankzij een derde, transparant ooglid kunnen ze ook tijdens zandstormen nog zien. De poten van een dromedaris zijn zo plat dat ze niet wegzakken in het zand van de woestijn. De bult op de rug bevat veel vetreserves, en geen water zoals vaak gedacht wordt, waardoor de dieren vele dagen kunnen lopen zonder te hoeven eten. Verder zweten dromedarissen niet en laten zo goed als geen vocht gaan met hun ontlasting. Zo kunnen ze tegen een hogere lichaamstemperatuur en is er minder noodzaak tot verkoeling. Op lange tochten zonder water kan een dromedaris een derde aan lichaamsgewicht verliezen, wat hij aanvult door in één keer tot 150 liter water te drinken. Verder is een dromedaris voor de bevolking ook een leverancier van melk, wol, leer en vlees.

dromedarissen verplaatsen eerst beide poten aan de ene kant en dan die aan de andere kant. Aan dat schommelende loopje danken ze hun bijnaam ‘schip van de woestijn’.

Geschiedenis

Oude Rijk en Eerste Tussenperiode

Vierduizend jaar voor het begin van onze jaartelling woonden er al mensen langs de Nijl. Na verloop van tijd ontstonden vele kleine boerenstaatjes, ieder met een eigen leider. Daarna werden de veel staatjes samengevoegd in twee staten, een noordelijke in de delta en een zuidelijke staat in het dal tussen het huidige Caïro en Aswan.

Rond 2900 v.Chr. werden Noord- en Zuid-Egypte door farao Menes verenigd, en hij werd tevens de eerste farao volgens een aantal egyptologen. Memphis werd de hoofdstad van zijn rijk. Andere wetenschappers geloven dat farao Narmer (ca. 3100 v.Chr.) de allereerste farao van Egypte was.

Narmer, eerste farao van Egypte volgens een aantal wetenschappers

foto: Keith Schengili-Roberts, CCAttribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Met de 3e dynastie begon het Oude Rijk (ca. 2650-2140 v.Chr.), een periode van grote voorspoed en rust in Egypte. Rond 2300 v.Chr., tijdens de 6e dynastie, verzwakte de macht van de farao’s doordat adellijke bestuurders van de gouwen de macht naar zich toe trokken. Daar kwam nog bij dat vijandige volken vanuit het zuiden en het oosten Egypte bedreigden.

De Eerste Tussenperiode (ca. 2140-2040 v.Chr.) was een periode van economische tegenspoed en politieke instabiliteit. Er was hongersnood en anarchie, en in het zuiden ontstonden weer vele kleine staatjes. Rond 2100 v.Chr. herstelde Mentoehotep I de orde en eenheid in het rijk. In deze periode regeerden meer dan honderd farao’s van de 7e tot en met 10e dynastie.

Middenrijk, Tweede Tussenperiode en Nieuwe Rijk

Het Middenrijk duurde van 2040-1650 v.Chr. Ten tijde van de 12e dynastie heerste er vrede in het Egyptische rijk en werden er prachtige monumenten en indrukwekkende graven gebouwd. Ook werd een groot deel van Nubië veroverd. Invallen van de Hyksos maakten rond 1650 v.Chr. een einde aan het Middenrijk, waarna de Tweede Tussenperiode volgde.

De overheersing van de Hyksos duurde ca. honderd jaar, en het lukte Ahmose van Thebe om de Hyksos rond 1550 v.Chr. te verdrijven. Hij werd de stichter van de 18e dynastie, en met hem ving het Nieuwe Rijk aan, dat van 1551-1070 v.Chr. duurde. Onder de farao’s van deze dynastie (o.a. Hatsjeptoet, Toetanchamon, Echnaton en Ramses II) groeide Egypte uit tot een wereldrijk met als hoofdstad Thebe. Onder Thoetmosis I en vooral onder Thoetmosis III bereikte Egypte zijn grootste omvang.

Buste van Thoetmosis III, Egypte

foto:Keith Schengili-Roberts CCAttribution-Share Alike 2.5 Generic no changes made

Derde Tussenperiode en Late Tijd

Na 1100 v.Chr. kwam er aan de macht van Egypte een einde door interne problemen en door invallen van vreemde volken. In de Derde Tussenperiode (1075-715 v.Chr.) raakte Egypte zelfs verdeeld in veel kleine vorstendommen, waarin de priesterkoningen regeren.

In de Late Tijd (715-332 v.Chr.) werd Egypte in 525 v.Chr. door de Perzen veroverd. In 332 v.Chr. veroverde Alexander de Grote Egypte en bliezen de Perzen de aftocht: op dat moment ging Egypte deel uitmaken van de hellenistische wereld.

Na Alexander volgden de Ptolemaeën, die van Alexandrië het culturele en economische centrum van het land maakten. Alle mannelijke farao’s in deze tijd heten Ptolemaeus en alle vrouwelijke Cleopatra. Cleopatra VII, onder andere minnares van de Romeinse keizer Julius Caesar, zou de laatste der Ptolemaeën op de Egyptische troon zijn.

Cleopatra VII, koningin in het oude Egypte

foto: Rama, Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 France no changes made

Romeinse kolonie, Omayyaden, Abassiden en Fatimiden

In 30 v.Chr. werd Egypte door keizer Augustus als een keizerlijke provincie ingelijfd bij het Oost-Romeinse of Byzantijnse Rijk. Economisch ging Egypte er in de Romeinse tijd niet op vooruit. Zeer hoge belastingen werden opgelegd aan de inwoners van het land dat als 'graanschuur van Rome' grote hoeveelheden graan aan Rome moest leveren. De Byzantijnse tijd ving voor Egypte aan met ingrijpende hervormingen ten tijde van keizer Diocletianus op het gebied van o.a. de staatkundige organisatie, de economie en het monetaire systeem. Ondanks die hervormingen was deze periode er echter duidelijk een van verval. De bevolking viel uiteen in een kleine groep van machtige grootgrondbezitters en de enorme massa, vooral boeren.

In de eerste helft van de 7e eeuw werd de islam een wereldmacht en Egypte werd al snel door deze wereldmacht ingelijfd en een islamitisch land. In 641 n.Chr. werd Egypte ingenomen door Amr-Ibn al-As namens kalief Omar en de nieuwe hoofdstad werd Fustat. In 661 kwam door een van de opvolgers van Omar de dynastie van de Omayyaden aan de macht, die vanuit Damascus hun rijk bestuurden.

Amr-Ibn al-As moskee, Egypte

foto: Mohammed Moussa, CCAttribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De christelijke Koptische cultuur die in Egypte nog overheerste, werd langzaam maar zeker vervangen door de islamitische cultuur. Het Arabische werd de voertaal en de wetgeving werd islamitisch. De belastingdruk op de christenen werd steeds verder opgevoerd, waardoor velen overgingen op de islam. De Koptische christenen kwamen regelmatig in opstand, maar hadden weinig succes. In 750 werden de Omayyaden verdreven door de dynastie der Abassiden, die vanuit Bagdad hun enorme rijk bestuurden. Een van de Abassidische gouverneurs, Ahmed Ibn Toeloen, maakte van Egypte gedurende korte tijd een onafhankelijk land (dynastie der Toeloeniden, 870-905). Opvolgers van Ahmed lukte het niet om de Abassiden buiten de deur te houden en in 905 werd de macht van Bagdad in Egypte hersteld.

Egypte werd hierna aangevallen door de Byzantijnen en door de sjiitische Fatimiden, een andere islamitische macht. Aanvankelijk wist men zich de Fatimiden van het lijf te houden, maar in 968 veroverden zij alsnog Egypte.

Onder het bewind van de Fatimiden (969-1171) werd de stad Al-Qahira (‘de Zegevierende’, later Cairo) steeds belangrijker. Onder kalief Aboe mansoer al-Aziz (975-996) bereikten de Fatimiden hun grootste bloei en regeerden over geheel Noord-Afrika, Syrië en Sicilië.

Overzicht Kalifaat der Fatimiden, Egypte

foto: Jemeldz, Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

In de jaren 1062-1075 beleefde Egypte door interne twisten en door het niet wassen van de Nijl, een diep economisch verval, waarbij ook grote schatten van literatuur en kunst verloren gingen. Daarna was het gezag herhaaldelijk in handen van almachtige viziers.

Kruisvaarders, Ayyoebiden, Mamelukken en Ottomanen

De komst van de kruisvaarders aan het einde van de 11e eeuw zou alles gaan veranderen, met name toen de kruisvaarders Jeruzalem aanvielen. Ook Egypte werd aangevallen, maar succesvol verdedigd door de Seldjoekische Turken. In 1169 kwamen de Seldjoeken zelfs kort aan de macht via Salah al-Din (‘Saladin’), die stichter werd van een nieuwe dynastie, de soennitische Ayyoebiden (1171-1250). Saladin werd bekend om zijn overwinningen op de kruisvaarders. In 1250 kwamen de Turkse Mamelukken aan de macht, oorspronkelijk waren zij slaven in het leger van Salah al-Din (Mameluk is Arabisch voor slaaf). De Mamelukken wisten in de 13e eeuw agressieve nomadenstammen uit Azië buiten Egypte te houden, onder andere de Mongolen, die in 1260 verslagen werden door Baybars, die zich vervolgens tot sultan uitriep. Er volgde nu een periode van stabiliteit en welvaart, maar in de 14e eeuw brak er weer een periode van crisis uit door elkaar bestrijdende Mamelukken. In de 15e eeuw volgde weer een periode van herstel.

Selim I, negende sultan van het Ottomaanse Rijk, Egypte

foto: Word press, Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

In 1517 werd er door Ottomaanse Turken (Selim I) een eind gemaakt aan het bewind van de Mamelukken. Ze mochten echter het bestuur van Egypte behouden, wat niet slim was, want de Mamelukken wisten steeds meer macht naar zich toe te halen. Door de voortdurende onderlinge strijd van de Mamelukken kwam Egypte in een donkere periode terecht met economische tegenspoed, hongersnood en epidemieën. Ze konden zich echter gemakkelijk handhaven door de verzwakking van het Ottomaanse rijk in de 18e eeuw.

Mohammed Ali, Abbas I en Engelse overheersing

Ook Napoleon, die van 1798 tot 1801 Egypte bezette, kreeg de Mamelukken niet onder de duim en de Fransen werden zelfs verdreven door een verbond tussen de Turken en de Engelsen. De Mamelukken probeerden snel weer de macht over te nemen in Egypte, maar werden in 1811 definitief verslagen door Mohammed Ali Pasja (1805-1849). Hij werd de stichter van de laatste dynastie en de grondlegger van het moderne Egypte. In 1805 werd hij met toestemming van de Turken tot pasja (gouverneur) van Egypte uitgeroepen. De macht steeg hem echter naar het hoofd en hij probeerde in 1840 samen met zijn zoon de sultan van Turkije te verdrijven. Deze poging werd verhinderd door de grote mogendheden.

Mohammed Ali Pasja was wali van Ottomaans Egypte, en wordt gezien als de stichter van het moderne Egypte en als vader des vaderlands

foto:Auguste Couder, publiek domein

Mohammed Ali werd opgevolgd door zijn kleinzoon Abbas Hilmi I (1849-1854), die veel moderne hervormingen van zijn grootvader ongedaan maakte. Na de moord op Abbas werd Said Pasja (1854-1863) stadhouder van Egypte, en onder zijn bewind werd de spoorlijn Cairo-Alexandrië aangelegd en hij stond aan de basis van de aanleg van het Suezkanaal. In 1867 nam de opvolger van Said Pasja, Ismail Pasja, de titel van onderkoning (‘khedive’) aan.

Op verzoek van de westerse mogendheden werd hij in 1879 door de sultan in Constantinopel afgezet en opgevolgd door zijn zoon Mohammed Tawfiq (1879-1892). Omdat Egypte in feite door vreemdelingen werd geregeerd en gebukt ging onder zware financiële lasten, volgde een nationalistische opstand onder leiding van Orabi Pasja. Na een moordpartij op een groep Europeanen werd Alexandrië gebombardeerd en de Britse bezetting van Egypte was een feit. De Britten trokken op 15 september 1882 Cairo binnen en Egypte werd in feite een Brits protectoraat. Tawfiq overleed in 1892 en werd opgevolgd door zijn zoon Abbas Hilmi II.

Abbas Hilmi II, kedive van Egypte

foto:Factory No. 64, 2nd District N.Y. CCAttribution-Share Alike 2.5 Generic no changes made

Abbas II was niet echt een vijand van de Engelsen, maar de nationale beweging wilde kostte wat het kost het land zelf gaan besturen. In 1911 nam Lord Horatio Herbert Kitchener, die in 1898 Soedan had terugveroverd, het bestuur over. In 1913 kreeg Egypte een parlement met tamelijk vergaande wetgevende bevoegdheid, en een nieuw kiesstelsel.

Egypte wordt een koninkrijk

Toen Turkije in de Eerste Wereldoorlog de zijde van de Centrale Mogendheden koos, werd Egypte op 18 december 1914 officieel tot Brits protectoraat geproclameerd, en de macht berustte bij de Britse Hoge Commissaris. Na de oorlog wist de toenmalige Hoge Commissaris, generaal Allenby, de regering in Londen te bewegen tot een eenzijdige opheffing van het protectoraat (22 februari 1922). De nieuwe leider van Egypte werd Ahmed Faoed en de nieuwe leider van de nationalistische oppositie werd Sa’d Zaghloel Pasja. Foead nam de koningstitel aan en Egypte werd een parlementaire monarchie. Zaghloel stichtte een nieuwe nationalistische partij, de Wafd. In 1935 werden de eerste vrije verkiezingen gehouden en die leverden een Wafd-meerderheid op; de nieuwe Wafd-leider, Nahas Pasja, vormde in mei 1936 een geheel uit partijgenoten samengesteld kabinet.

In 1936 werd Faroek de nieuwe koning (1936-1952), hij volgde zijn gestorven vader op. De eerste maatregel die hij nam was het heenzenden van Nahas, waarna het land geregeerd werd door zogenaamde ‘paleiscoalities’. Engeland bleef nauw betrokken bij Egypte: het Engelse leger bleef in de buurt van het Suezkanaal en mocht de verdediging van Egypte verzorgen. Dat kwam goed uit, want in 1942 werden de Italiaanse en Duitse legers bij Al-Alamayn (El Alamein) verslagen, en dat betekende een keerpunt in de Tweede Wereldoorlog. De in de oorlog teruggekeerde Nahas werd in oktober 1944 opnieuw door Faroek ontslagen.

Faroek I was koning van Egypte van 1936 tot 1952

foto: ThutmoseIII, publiek domein

Op 22 maart 1945 richtten Egypte, Libanon, Irak, Syrië, Jemen, Saoedi-Arabië en Transjordanië de Arabische Liga op naar aanleiding van de toenemende migratie van joden naar Palestina, dat toen onder Engels mandaat stond. De Liga wilde de Arabische bevolking van Palestina steunen tegen de zionisten en de laatste restanten van de Britse imperiale positie in het Midden-Oosten bestrijden.

Eind 1947 werd Palestina verdeeld in een joods en een Arabisch deel, terwijl Jeruzalem een internationale enclave werd. De Engelsen vertrokken uit Palestina en op 14 mei 1948 werd door de Nationale Joodse Raad de soevereine staat Israël uitgeroepen. Dit was voor de Arabische buurlanden, waaronder Egypte, het sein om Israël aan te vallen. Maar door onderlinge onenigheid en een gebrekkige legermacht mislukte de aanval volkomen.

Nahas efoto: n Naguib: Egypte wordt een republiek

In 1950 behaalde de Wafd-partij bij de verkiezingen een grote meerderheid. Premier Nahas keerde zich daarop tegen Faroek en Engeland. Zaterdag 26 januari 1952 zou bekend worden onder de naam ‘Zwarte Zaterdag’. Een volksopstand dreigde, waarop Faroek premier Nahas ontsloeg. Ook stuurde hij het parlement naar huis en kondigde de staat van beleg aan. Enige tijd later weigerde Faroek om Mohammed Naguib tot minister van Oorlog te benoemen, waarna op 23 juli 1952 twaalf jonge officieren onder leiding van Naguib een staatsgreep pleegden. Op 26 juli 1952 verliet Faroek Egypte om te gaan leven in ballingschap.

Mohammed Naguib, politicus en militair, Egypte

foto: Ashashyou, Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Na de staatsgreep wilde de Revolutionaire Raad eigenlijk een burgerregering, maar hoge militairen onder leiding van Naguib namen de macht al snel over. Hij benoemde ex-premier Maher opnieuw tot premier. Op 18 juni 1953 werd de republiek uitgeroepen, met Naguib als president en ook bleef hij minister-president. De hoge militair Gamal Abd al-Nasser werd vice-premier en minister van Binnenlandse Zaken. In 1954 werd Naguib door Nasser en een aantal officieren opzij geschoven. Nasser werd premier en tevens voorzitter van de Revolutionaire Raad.

Periode Nasser en Suez-crisis

In hetzelfde jaar wist Nasser te bereiken dat de Britten de zone rond het Suezkanaal verlieten. In 1956 werd Nasser president van de republiek en vroeg steun aan het Sovjetblok voor wapenleveranties. Amerika beledigde Nasser door geld voor de bouw van de Aswan-dam te weigeren. Op 26 juli 1956 kondigde Nasser de nationalisatie van het Suezkanaal aan. Israëlische schepen mochten niet meer door het kanaal varen en daarop trok het Israëlische leger op 29 oktober 1956 Egypte binnen. De oorlog duurde slechts zes dagen en de blokkade werd opgeheven door het Israëlische leger onder leiding van Mosje Dayan.

Ook Frankrijk en Engeland stuurden troepen naar het Suezkanaal maar werden door de Verenigde Naties gemaand om Egypte te verlaten. Frankrijk en Engeland gaven hier gevolg aan en ook Israël vertrok uit Egypte, na toezeggingen dat er een United Nations Emergency Force (UNEF) gelegerd zou worden aan de Egyptisch-Israëlische grens. Na de vernederende militaire nederlaag kon Nasser dus op politiek gebied wel een grote overwinning binnenhalen.

Gamal Abdel Nasser, 2e president van Egypte

foto:Stevan Kragujevic (1922–2002);Tanja Kragujevic, CC 3.0 Unported no changes made

Het Westen liet hij vanaf die tijd links liggen en hij richtte zich helemaal op de Sovjet-Unie, die het Egyptische leger reorganiseerde en de bouw van de Aswan-dam financierde.

Op 5 februari 1958 werd de VAR opgericht, de Verenigde Arabische Republiek, die bestond uit Egypte, Syrië en Jemen. Nasser wist zijn greep op het politieke leven binnen de VAR steeds meer te versterken, en onder de Syrische bourgeoisie en militairen ontstond grote ontevredenheid over het Egyptische centrale gezag, vooral nadat Nasser in juni 1961 de meeste grote Syrische ondernemingen had genationaliseerd.

De samenwerking duurde daardoor niet lang en op 28 september pleegde een aantal Syrische officieren een staatsgreep en scheidde Syrië zich van de VAR af.

In juni 1962 werd een nieuw regeringssysteem ingevoerd met de Arabische Socialistische Unie (ASU) als enige politieke partij. Nasser wist zijn positie van belangrijkste leider van de Arabische wereld de volgende jaren voortdurend te versterken, maar zijn regering ondervond in deze periode ernstige economische moeilijkheden.

In die tijd vond er een zekere toenadering plaats tussen Egypte en Syrië en in november werd er een defensieverdrag tussen beide landen gesloten.

Zesdaagse Oorlog

In de lente van 1967 kreeg Nasser het voor elkaar dat secretaris-generaal Oe Thant van de Verenigde Naties de VN-vredesmacht terugtrok van de Israëlisch-Egyptische grens. Het Palestijnse bevrijdingsleger nam de plaats van de VN-vredesmacht in. Hierop verloor Israël de bescherming van zijn scheepvaart op de Israëlische haven Eilat. Nasser sloot namelijk de Golf van Aqaba af voor Israëlische schepen en dreef Israël daarmee tot het uiterste.

Israël dreigde met militaire acties, maar Nasser stuurde met een aantal provocaties aan de grens duidelijk op een confrontatie aan. Op 5 juni 1967 begon de zogenaamde Zesdaagse Oorlog. Het Egyptische leger en het Palestijnse bevrijdingsleger werden in korte tijd onder de voet gelopen, opnieuw een grote nederlaag voor president Nasser.

Nasser maakte aanvankelijk zijn aftreden bekend, maar het volk en het parlement verzochten hem dringend aan te blijven. Een week na de smadelijke nederlaag werd Nasser naast president ook nog premier en partijleider.

Situatie na de Zesdaagse Oorlog tussen Israël en Egypte

afbeelding: Ling.Nut, C C Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Na de oorlog met Israël hadden er grote wijzigingen in de Egyptische legerleiding plaats. Een militaire staatsgreep tegen Nasser werd echter verijdeld. De volgende jaren kwamen herhaaldelijk studentenstakingen en -opstanden voor, vooral gericht tegen de vaak halfslachtige houding van de Egyptische overheid ten aanzien van de strijd met Israël en tegen een gebrek aan democratie op de universiteiten.

Nasser dood, Sadat volgt hem op

De tijd na 1967 werd gekenmerkt door een wankel bestand met Israël en een gevaarlijke binnenlandse situatie. Grote problemen als de overbevolking, de armoede onder de bevolking en de zeer kwetsbare Arabische eenheid kwamen daar nog bij. Economisch kwam Egypte in zwaar weer terecht door de sluiting van het Suezkanaal. Positief was dat de Verenigde Naties een resolutie aannamen waarin bepaald werd dat Israël zich moest terugtrekken uit de bezette gebieden.

Ondertussen raakte Nasser steeds meer afhankelijk van de Sovjet-Unie door leveranties van wapens, voedsel en medicijnen.

In 1968 volgden er een serie grensconflicten met Israël, en een aanbod van Israël om te komen tot een akkoord over wederzijds erkende grenzen werd door Egypte genegeerd.

Op 28 september 1970 stierf president Nasser aan een hartaanval.

Na de dood van Nasser werd vice-president Anwar al-Sadat tot president gekozen. In mei 1971 werden grootscheepse zuiveringen gehouden onder Sadats politieke tegenstanders, van wie er een aantal ter dood werd veroordeeld.

Anwar Al-Sadat, egyptisch politicua en later president van Egypte

photo: Anefo in het publieke doomein

Hij was het die in 1972 een einde maakte aan de aanwezigheid van Russische militairen in Egypte. Overigens ging de samenwerking tussen beide landen gewoon door, en burgerlijke adviseurs mochten gewoon hun werk blijven doen. Op 6 oktober 1973 begon de Arabisch-Israëlische oorlog met aanvallen van Egypte in de Sinaï en van Syrië op de Golan-hoogvlakte. Egypte werd in deze oorlog militair gesteund door de Sovjet-Unie en de Arabische Staten, Israël door de Verenigde Staten. Op 23 oktober werd door de strijdende partijen een staakt-het-vuren aanvaard zonder dat er een duidelijke winnaar aan te wijzen was. In maart herkreeg Egypte de controle over beide oevers van het Suezkanaal.

Na de oorlog kreeg Egypte veel geld van de Arabische oliestaten om de economie weer op poten te helpen en de schuld aan de Sovjets af te lossen. Langzaamaan werd duidelijk dat Sadat zich steeds meer richtte op de Verenigde Staten en West-Europa. Dit resulteerde in maart 1976 tot het opzeggen van het vriendschaps- en samenwerkingsverdrag met de Sovjets uit 1971, en bijvoorbeeld wapenleveranties uit de Verenigde Staten.

Vrede met Israël

In 1973 ging een toegezegde unie tussen Egypte en het Libië van Khadaffi op het laatste moment door toedoen van de Egyptenaren niet door. Hierdoor verslechterde de verhouding met het buurland en in juli 1977 brak er een korte grensoorlog uit tussen de twee landen.

In november 1977 bracht Sadat een verrassend bezoek aan Israël en hield zelfs een toespraak tot het Israëlische parlement, tot woede van de andere Arabische landen en van de Palestijnen. Eind december van dat jaar kwamen Sadat en de Israëlische premier Begin bij elkaar in de Egyptische stad Ismailiya en voerden gesprekken die later voortgezet zouden worden bij de vredesbesprekingen in Camp David en Washington, onder leiding van de Amerikaanse president Carter.

Handen worden geschud tussen Sadat, Begin en president Carter

foto:Government Press Office (Israel) C C3.0 Unported, no changes made

In maart 1979 werd er na moeizame onderhandelingen vrede gesloten met Israël, waarna veel Arabische staten hun banden met Egypte verbraken. In 1981 nam Sadat het heft goed in handen. Hij liet honderden tegenstanders van zijn bewind arresteren, trad streng op tegen fundamentalisten, en wees honderden Russen het land uit vanwege spionage. Dit kostte hem waarschijnlijk zijn leven, want op 6 oktober 1981 werd hij tijdens een militaire parade in Caïro gedood door soldaten die met de fundamentalisten samenwerkten.

Periode Moebarak

Sadat werd opgevolgd door vice-president Mohammed Hosni Moebarak, en hij beloofde de politiek van Sadat voort te zetten. Hierdoor bleef Egypte geïsoleerd in de Arabische wereld en de relatie met Israël verslechterde door de acties van Israël in Libanon. Maar ook de onder Sadat begonnen voorzichtige democratisering van het politieke leven werd onder Moebarak voortgezet. In 1978 was de Nationale Democratische Partij opgericht als opvolger van de ASU en waren ter rechter- en linkerzijde nieuwe politieke partijen toegestaan. De parlementsverkiezingen van 1984 en 1987 brachten onder andere nasseristen, liberalen, Moslimbroeders en de heropgerichte Wafd-partij in de Assemblée, maar de NDP van Moebarak behield een ruime absolute meerderheid. In zijn buitenlandse politiek handhaafde Moebarak de relaties met de Verenigde Staten en Israël, al bekoelden de verhoudingen met Israël aanzienlijk door de Libanonoorlog van 1982. In december 1983 bezocht PLO-leider Arafat Caïro, in 1984 herstelde Jordanië de banden en in verband met de Eerste Golfoorlog volgden ook Irak en de Arabische Golfstaten. Ook wist Moebarak de betrekkingen met Moskou te verbeteren.

Hosni Moebarak, president van Egypte

foto: World Economic Forum, CC Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

Midden jaren tachtig verslechterde de economische situatie door de daling van de olieprijzen. Een opstand van de veiligheidspolitie in steden als Caïro en Giza zorgden ook voor veel binnenlandse onrust.

Extremistisch geweld in Egypte zorgden ervoor dat Moebarak hard optrad tegen de moslimfundamentalisten. Vooralsnog hielp dit niet veel want bij schietpartijen in 1990 vielen tientallen doden en de voorzitter van het parlement, Rifaat al-Maghoeb, werd vermoord. Ook kwamen er bij verschillende aanslagen toeristen om het leven, waardoor de economie veel schade berokkend werd.

Na de Conferentie van Amman in november verbeterde de verhouding tussen Egypte en de andere Arabische landen. In maart 1989 bezocht de Saoedische koning Fahd Egypte en dat betekende dat Egypte weer volledig geaccepteerd werd door de andere Arabische landen. Alleen de relatie met Irak kreeg een zeer forse deuk toen tijdens de Golfcrisis Egypte openlijk stelling nam tegen Saddam Hoessein en vele duizenden soldaten naar Saoedi-Arabië stuurde. In 1993 kreeg Egypte te maken met een toename van tegen de regering gericht geweld door moslimfundamentalisten.

In 1993 werd Moebarak voor een derde termijn gekozen met bijna 100% van de stemmen.

Opnieuw bond hij de strijd aan tegen de fundamentalisten, waarna er een aanslag op hem volgde in 1995, tijdens een bezoek aan de vergadering van de Organisatie voor Afrikaanse Eenheid (OAS) in het Ethiopische Addis Abeba. De parlementsverkiezingen van eind november 1995, die gepaard gingen met veel gewelddadigheden en fraude, leverden een grote overwinning op voor de regerende Nationaal-Democratische Partij.

Verkiezingsaffiche Moebarak verkiezingen 1995

foto:Papillus Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

In november 1997 volgt er een nieuwe bloedige aanslag (58 dode toeristen) in Luxor en opnieuw zakte het toerisme volkomen in.

In 1999 weigerde Moebarak aanvankelijk te gaan voor een vierde termijn als president, maar stelde zich uiteindelijk toch herkiesbaar. Ook nu werd hij weer met een overweldigende meerderheid van 94% herkozen.

21e eeuw

Bij de parlementsverkiezingen van 14 november 2000 won de NDP 388 van de 454 zetels. Opvallend hierbij was dat van die 388 zetels er 175 echt toebehoorden aan NDP-kandidaten. De rest bestond uit kandidaten die zich na de verkiezingen aangesloten hebben bij de NDP. Het grote verschil met vroeger is dat deze parlementsleden als onafhankelijken niet altijd achter het regeringsstandpunt hoeven te staan.

Opvallend was verder dat de 'Muslim Brotherhood' 17 zetels won, en daarmee de grootste oppositiepartij werd.

In oktober 2004 installeerde President Mubarak een nieuw kabinet dat sindsdien enkele vergaande economische hervormingen heeft doorgevoerd. Op politiek gebied hadden de hervormingen lange tijd minder om het lijf. Twee weken geleden kondigde de president aan dat de grondwet (artikel 76) zal worden gewijzigd om presidentsverkiezingen met meerdere kandidaten mogelijk te maken. Recent presenteerde de president nieuwe wetswijzigingen die het politieke partijen makkelijker maakt zich te organiseren en te registreren. Tevens deed hij voorstellen om de bevoegdheden van het parlement uit te breiden.

Over de opvolging van president Mubarak wordt voortdurend hevig gespeculeerd. Gedurende diens onverwachte opname in een Berlijns ziekenhuis in de zomer van 2004 stak de geruchtenstorm weer de kop op. Speculaties dat hij zijn zoon zou klaarstomen voor het presidentschap heeft Mubarak ontkend. De president heeft geweigerd een vicepresident te benoemen. De vicepresident, een op dit moment niet-bestaande figuur in het Egyptische politieke bestel, zou ingeval van - tijdelijke - onmogelijkheid tot regeren, de president kunnen waarnemen c.q. opvolgen. Laatstelijk werd bekend gemaakt dat men de benoeming van een vicepresident momenteel serieus in overweging neemt. Men heeft een commissie ingesteld die onderzoek doet naar het nieuwe takenpakket van de vicepresident.

paster Moslim Broederschap

foto: Elagamytarek, CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Eind november begin december 2005 werden parlementsverkiezingen georganiseerd. Voor het eerst kon er openlijk debat gevoerd worden dat door de media werd verslagen. De oppositie, waaronder leden van de verboden doch gedoogde Moslim Broederschap, kregen meer vrijheid om campagne te voeren. Tevens deden er nieuwe partijen, zoals Al-Ghad, aan de verkiezingen mee. De regeringspartij National Democratic Party van Mubarak kreeg 331 zetels van de beschikbare 444, terwijl de Moslimbroeders 88 zetels wisten te bemachtigen. De seculiere oppositie heeft met elf zetels nauwelijks aan invloed gewonnen. In juni 2007 wint de National Democratic Party opnieuw de verkiezingen.

In april 2008 worden 25 leiders van de Moslim Broederschap tot celstraffen veroordeeld. In maart 2009 is Egypte gastheer voor gesprekken tussen de rivaliserende Palestijnse politieke partijen Hamas en Fatah. In februari 2010 keert Mohammed El Baradei de voormalige topman op nucleair gebied bij de VN terug naar Egypte. Hij wil een coalitie vormen voor politieke veranderingen en meedoen aan de verkiezingen die gepland staan voor 2011. In januari 2011 zijn er gewelddadige protesten tegen het bewind van president Hosni Mubarak. Het lijkt het gevolg van een democratiseringsgolf in de Arabische wereld, die begon in Tunesië. Er zijn meer dan zeker 100 mensen om het leven gekomen.

Op 11 februari 2011 kondigt Mubarak zijn aftreden aan. Mohammed Morsi van de Moslim Broederschap wordt de nieuwe president, maar is inmiddels weer afgezet.

Mohamed Morsi Isa al-Ayyat, Egyptisch politicus van de islamistische Moslimbroederschap en later president van Egypte

foto:Cybaaudi, Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De situatie is in 2013 zeer onrustig. Egyptenaren stemmen in januari 2014 per referendum voor een nieuwe grondwet. In mei 2014 wint de voormalige legerchef Abdul Fattah al-Sisi de presidentsverkiezingen. In 2015, 2016 en 2017 is er veel onrust vanwege terreuracties door aanhangers van Islamitische Staat.

In juli 2017 treedt Egypte toe tot de coalitie onder leiding van Saoudie-Arabie tegen Qatar, dat land wordt beschuldigd het terrorisme te beschermen.

In 2018 wint president Sisi een tweede termijn bij verkiezingen met slechts een enkele minderwaardige oppositiekandidaat. Meer serieuze uitdagers trokken zich terug of werden gearresteerd. In 2019 werden grondwetswijzigingen goedgekeurd door het parlement en in een referendum. De president en het leger kregen meer macht. De presidentiële termijn werd verlengd van 4 jaar tot 6 jaar, zodat El-Sisi nog twee keer een gooi kan doen naar het presidentschap. In 2020 is er een geschil tussen Egypte en Ethiopië over de aanleg van een dam door Ethiopië. Egypte vreest dat de dam de hoeveelheid water in de Nijl zal verminderen.

Abdul Fattah al-Sisi, president van Egupte

foto: Kremlin.ru, CC Attribution 3.0 Unported no changes made

Bevolking

Samenstelling

De bevolking (97.041.072 in 2017) is voor 90% van Oost-Hamitische afkomst, maar is in de loop der tijden in sociaal, cultureel en politiek opzicht geheel gearabiseerd.

Andere kleine bevolkingsgroepen zijn de Berberse nomaden in de afgelegen oase Siwa, de Nubiërs (in het zuiden) en de Kopten (in Opper-Egypte).

Siwa is de meest afgelegen oase en is een on-Egyptische wereld, waarvan de inwoners geen Arabisch spreken, maar een Berbers dialect, het Siwi.

De Nubiërs zijn een belangrijke bevolkingsgroep (ca. 6 miljoen), die ook verder stroomopwaarts in Sudan (Dongola) te vinden zijn. De meeste Nubiërs wonen in dorpen langs de oevers van de Nijl tussen Aswan en Luxor, met name in Kawm Umbu. Door de bouw van de stuwdam bij Aswan verloren ze in 1970 hun oorspronkelijke leefgebied toen dat onder water kwam te staan. De helft van de Egyptische Nubiërs vertrok naar Soedan.

Verder zijn er nog enkele tienduizenden bedoeïenen (schattingen variëren tussen 50.000 en 70.000), die deels nog aan hun (semi-)nomadische leefstijl vasthouden. Het merendeel leeft in de Sinaï en is oorspronkelijk afkomstig van het Arabisch schiereiland. Langs de Middellandse-Zeekust wonen de Aulad Ali, bedoeïenen die uit Libië afkomstig zijn. Ze hebben hun tenten echter ingeruild voor stenen huizen en werken veelal in Caïro en Alexandrië.

Bedoeïnen in Egypte

foto: someone10x, Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Demografische gegevens

Er is een snelle bevolkingsgroei (2,45% in 2017) die een direct gevolg is van een hoog geboortecijfer (29.6 per 1000 inwoners in 2017) en een dalend sterftecijfer (4.6 per 1000 inwoners in 2017). De regering propageert geboortebeperking, maar toch komen er ca. 1 miljoen mensen per negen maanden bij. In een eeuw tijd is de Egyptische bevolking bijna vertienvoudigd.

33% van de bevolking is jonger dan 15 jaar en slechts 4,% is ouder dan 65 jaar. De levensverwachting bij geboorte is ruim 71.6 jaar voor mannen en 74.4 jaar voor vrouwen. (2017)

Spreiding

Bijna 95% van de totale bevolking woont in het Nijldal en de delta, op slechts 3,5% van het grondgebied. De bevolkingsdichtheid in het bewoonde en in cultuur gebrachte land bedraagt meer dan 1600 inw. per km2 (het landelijk gemiddelde bedraagt ca. 90 inwoners per km2). Een bijkomend probleem vormt de toenemende verstedelijking met Caïro (Groot Caïro, inclusief voorsteden, ruim 18 miljoen inwoners), Alexandrië (4 miljoen inwoners) en Gizeh (3 miljoen inwoners) als grootste stedelijke concentraties. In sommige stadsdelen van Caïro en Alexandrië bedraagt de bevolkingsdichtheid het gigantische aantal van 140.000 inwoners per km2. Groot Caïro is Afrika’s grootste stad en qua bevolking is Egypte na Nigeria Afrika’s grootste land.

Drukke winkelstraat in de grootste stad van Afrika, Caïro

foto: Omar Attallah, CCs Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Door de bouw van steden in de woestijn en de ontwikkeling van de Suezkanaalzone probeert de regering de bevolkingsdruk in het Nijldal te verlichten. Ook zijn er grote bouwprojecten gestart in de westelijke oases.

Enkele miljoenen Egyptenaren werken als 'gastarbeider' in andere Arabische landen.

Taal

De officiële taal in Egypte is het Egyptisch-Arabisch, dat door ongeveer 98% van de bevolking wordt gesproken. Het Egyptisch-Arabisch is feitelijk een dialect van het Moderne Standaard Arabisch. Het Egyptisch-Arabisch is de belangrijkste van alle Arabische dialecten, niet alleen door het grote aantal Egyptenaren, maar ook doordat het land de belangrijkste producent van film-, radio- en televisieprogramma’s in de Arabische wereld is.

De transcriptie van het Arabische schrift naar het Romeinse alfabet is niet eenvoudig, en men kan dan ook verschillende spelwijzen tegenkomen voor hetzelfde woord.

Het Arabische schrift bestaat uit 28 letters en wordt van rechts naar links geschreven; Arabische cijfers daarentegen worden van links naar rechts geschreven.

Naast deze taal komen het Nubisch, het Koptisch en het Berbers (in Siwa) nog wel voor.

De Koptische taal heeft zijn oorsprong in het Grieks en de Egyptische hiërogliefen. De Koptische taal wordt nog steeds gebruikt bij religieuze ceremoniën. De naam Koptisch is pas ontstaan na de Arabische verovering. De Grieken noemden het land Aiguptos en de bewoners Aigupti. Door de Arabieren werd dit verbasterd tot Gupti, waarvan Kopten is afgeleid. Koptisch betekent letterlijk dus zoveel als ‘autochtoon Egyptisch’.

Bijbeld in de Koptische taal

foto: Lollylolly78~commonswiki, CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De taal van de Nubiërs heeft niets met het Arabisch te maken. Etnologisch gezien is het gesproken Nubisch te verdelen in het Fiadidja-Mahas en het Kenuzi-Dongola.

Het Fiadidje-Mahas wordt gesproken in Soedan, hoewel meer dan 50% van de Nubiërs in Egypte tot de Fiadidja behoort. In Egypte deze taal gesproken door alle Nubiërs die ten zuiden van Kunuz wonen. Fadidja en Mahas zijn twee varianten die echter nauwelijks van elkaar verschillen.

Het Kenuzi-Dongola wordt gesproken door de Nubiërs van Dongola in Soedan en Kunuz in Egypte. De meeste mensen uit Dongola en Kunuz verstaan degenen die het Fadidja-Mahas spreken.

Er wordt ook Engels en Frans gesproken door ontwikkelde Egyptenaren.

Hieronder enkele Arabische woorden en uitdrukkingen in een eenvoudige fonetische transciptie:

Ja = naAm

Nee = laa

Dank u = sjokran

Ik begrijp het niet = ma afham

Links = jasaar

Rechts = jamien

Een = waaHed

Twee = ethneen

Drie = thalaathah

Honderd = me’ah

Duizend = alf

Zondag = jom al-aHad

Woensdag = jom al-arbeAa

Zomer = aS-Seef

Winter = asj-sjeta

Ik weet het niet = ma aAref

Het spijt me heel erg = aasef jeddan

Waar is het toilet = wien at-towaaliet

Bovenste rij hiërogliefen, onderste rij Arabisch

foto:Davide Mauro CCAttribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Hiërogliefen

In het oude Egypte waren drie soorten schrift in gebruik. Een oorspronkelijk geheime taal voor de priesters, het hiëratische schrift, het demotische schrift, bedoeld voor dagelijks gebruik door het volk, en het hiërogliefenschrift.

Hiërogliefen dateren uit ca. 3200 v.Chr. en vormen het oudste bekend schrift ter wereld. Het woord ‘hiëroglief’ betekent ‘heilige gegraveerde letter’ en verwijst naar het beeldschrift dat de oude Egyptenaren gebruikten om hun geloof uit te drukken. De Egyptenaren zelf noemden de hiërogliefen ook wel godenwoorden. Het hiërogliefenschrift is van oorsprong een zuiver ‘beeldschrift’, en de tekens betekenden aanvankelijk precies wat ze voorstelden. Langzamerhand kregen de pictogrammen een algemenen betekenis en werden ook begrippen en ideeën weergegeven.

Egyptische hiërogliefen

foto: Vania Teofilo, Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Hiërogliefen werden vooral op monumenten gebeiteld en kunnen zowel van links naar rechts, rechts naar links of van boven naar beneden gelezen worden. Omdat het een zeer ingewikkeld schrift was, werden in de loop der eeuwen eenvoudiger te schrijven tekens ontwikkeld. De laatste dateerbare inscriptie is die op de Poort van Hadrianus te Philae uit 394.

Om de kunst van het hiërogliefen onder de knie te krijgen, waren jaren van oefening nodig. De speciaal hiervoor opgeleide schrijvers behoorden tot de maatschappelijke elite.

Er zijn drie hoofdtypen hiërogliefen. ‘Fonogrammen’ brengen de klanken van lettergrepen over, ‘ideogrammen’ beelden het object of de handeling zelf af, het ‘determinatief’ bevestigt, verandert of geeft de betekenis van het naastgelegen woord aan. Een complicerende factor is dat veel symbolen voor al deze typen kunnen staan. Het lezen wordt verder bemoeilijkt doordat woorden en zinnen noch door afstanden, noch door leestekens van elkaar gescheiden worden. Een hulpmiddel is wel dat symbolen van dieren en mensen altijd kijken naar het punt waar de tekst begint.

Degene die er voor de eerste keer in slaagde om hiërogliefen te ontcijferen was de Franse taalkundige Jean-François Champollion, in 1822. De sleutel tot het lezen van hiërogliefen werd gevonden op een zwarte granieten stèle, de ‘steen van Rosetta’, ontdekt door de soldaten van Napoleon in 1799.

Standbeeld van taalkundige Jean-François Champollion

foto:NonOmnisMoriar, CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Er stond een tekst in drie schriften op: hiërogliefen (14 regels), Demotisch (32 regels) en Grieks (54 regels). Door de drie teksten met elkaar te ontcijferen en te vergelijken lukte het hem om de hiërogliefen te ontcijferen. De tekst is een decreet uit 196 v.Chr., opgesteld door priesters die toen in Memphis bij elkaar waren. Ze betuigden hun dank aan farao Ptolemaeus voor zijn goede zorgen voor het geloof en de tempels.

Hij besefte voor het eerst dat er verschillende soorten hiërogliefen waren met diverse functies. Zo ontdekte hij de basis van het hiërogliefenschrift. Aanvankelijk gebruikte men ca. 700 symbolen. Later, in de tijd van de Ptolemaeën, gebruikte men ca. 1000 symbolen. Met hiërogliefen werden naast ‘gewone’ teksten ook profane rekeningen, verdragen en gerechtsprotocollen vastgelegd.

Steen van Rosetta

foto: © Hans Hillewaert, CCAttribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Als schrijfmateriaal gebruikten de Egyptenaren vooral de ‘papyrus’, gemaakt van de papyrusplant, de Cyperus papyrus. De stengel van de plant werd in stroken verdeeld, die in twee lagen, dwars op elkaar, werden samengeperst. De vellen ‘papier’ werden daarna tot rollen samengevoegd. Zowel de plant, de vellen, de rollen als de daarop aangebrachte teksten en afbeeldingen werden als ‘papyrus’ bekend. Papyrus bleef tot in de 10e eeuw in gebruik als schrijfmateriaal. De tekst werd aangebracht met een schrijfriet, die in inkt werd gedoopt. Vaak werden de hiërogliefen van een kleur voorzien.

Godsdienst

Islam

93% van de Egyptische bevolking belijdt de soennitische islam, de officiële staatsgodsdienst. De vrije uitoefening van christendom en jodendom wordt echter in de grondwet gegarandeerd.

Dit betekent niet dat Egypte een islamitische staat is met een zuivere islamitische wetgeving. Moslimfundamentalisten streven dit wel na, en komen daardoor vaak in conflict met de overheid. Een van de belangrijkste grondleggers van het hedendaagse fundamentalisme is de Egyptenaar Sayyid Qutb, in 1906 geboren in de provincie Asyut. Hij predikt de gewapende strijd, de ‘jihad’, Zijn boek daarover, ‘Ma’lim fi’l-Tarikh’, werd de politieke bijbel van de fundamentalisten. Vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw plegen verschillende fundamentalistische groeperingen aanslagen, o.a. de moord op president Sadat in 1981. Begin jaren negentig verhevigde het geweld en sinds de zomer van 1992 worden er ook aanslagen op buitenlandse toeristen gepleegd.

Sayyid Qutb

foto: Olivier Carré et Gérard Michaud, CC 4.0 International no changes made

Centraal in de islam staat het geloof in de ene God, die via openbaringen aan een reeks profeten zijn wil aan de mens kenbaar heeft gemaakt. Moslims geloven dat een koopman uit Mekka, Mohammed, Gods afsluitende openbaring ontving, en hij wordt daarom als het Zegel der Profeten beschouwd. Die afsluitende openbaring is vastgelegd in de Koran, die twintig jaar na de dood van Mohammed gereed was. Mohammed zelf wees geen opvolger aan en na zijn dood werd de jonge islamitische gemeenschap al snel verscheurd door opvolgingstwisten.

Er ontstond een strijd tussen moslims die de Koran wilden toetsen aan de menselijke rede en zij die vasthielden aan de letterlijkheid van de geopenbaarde tekst. De traditionalisten verzetten zich hevig tegen rationalisten, de modern denkende intellectuelen. De traditionalisten houden zich vast aan de letterlijkheid van de geopenbaarde korantekst, aan de uitspraken, ‘hadith’, van de profeet, en aan diens handelwijzen, de ‘soenna’. Deze drie vormen de basis van het islamitische plichtenrecht, de ‘shari’a’.

Koran verzen toegeschreven aan caliph Hazrath Usman ibn Affan Radiallahu Anhu (644-656 AD)

foto: S N Barid, Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Volgens de soennieten komt iedere goede moslim in aanmerking om Mohammed op te volgen, en door het volk moet worden aangewezen. In de praktijk gebeurt dat door en raad van schriftgeleerde, die ‘ulama’ wordt genoemd.

Sjiieten erkennen als leider van de islamieten alleen de afstammelingen van de in 661 vermoorde Ali, die met Mohammed’s dochter Fatima getrouwd was. Alleen zij bezitten esoterische kennis die, afkomstig van Mohammed, via een erfelijke lijn van onfeilbaar geachte imams wordt doorgegeven. Sjiieten maken ca. tien procent van de moslims uit. Het belangrijkste sjiitische land is Iran.

Koptische Kerk

De grootste religieuze minderheid vormen de Kopten (6%). De Kopten leven vooral in Caïro, Centraal-Egypte (al-Minya, Asyut Sawhag) en Alexandië.

Aan het hoofd van de Koptische Orthodoxe Kerk staat de patriarch (paus) van Alexandrië. Deze patriarch wordt beschouwd als de opvolger van de apostel Marcus, die volgens de overleveringen het christendom in de 1e eeuw naar Egypte gebracht hebben. Tegen de 4e eeuw was het christendom de officiële godsdienst van Egypte.

De Egyptische christenen splitsten zich af van de orthodoxe kerk nadat het Concilie van Chalcedon in 451 had vastgesteld dat Christus een menselijke en goddelijke natuur bezat. Dioscorus, patriarch van Alexandrië, aanvaardde deze definitie niet: hij geloofde alleen in de goddelijkheid van Christus (monofysieten). Het St.-Antoniusklooster dat in 361-363 in het Rode Zeegebergte werd gebouwd, is het oudste Koptische klooster van Egypte.

Koptisch kerkgebouw in Hurghada, Egypte

foto: Aleksasfi, Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported, no changes made

De huidige Koptische paus Shenouda III kwam aan de macht onder president Sadat. Van een stoffige kerk heeft hij van de Koptische Kerk een springlevende gemeenschap gemaakt. Wat de belangen en rechten van de Kopten betreft is hij ook zeer strijdbaar. Dat liep zover uit de hand dat hij in 1981 door Sadat als paus geschorst werd en in een klooster opgesloten werd. Allerlei moslimbewegingen en speciaal fundamentalisten ageren fel tegen de Kopten, en moorden, branden en molestaties komen zeer regelmatig voor.

Diverse groeperingen

Behalve de Kopten zijn er ongeveer een kwart miljoen andere christelijke minderheidsgroeperingen, waartoe onder andere Grieks-orthodoxen, rooms-katholieken, Armeens-orthodoxen en protestanten behoren.

Vooral in het zuiden, waar de mensen zich veel minder sterk met de Arabieren hebben vermengd, is het oude, pre-islamitische Egyptische geloof nog niet helemaal verdwenen. De mensen zijn daar vaak nog erg bijgelovig.

Joden

In de grote steden bevinden zich kleine joodse gemeenschappen, voornamelijk bestaande uit bejaarde joden. Daardoor is het jodendom als religie gedoemd uit de Egyptische maatschappij te verdwijnen. Met de stichting van de staat Israël in 1948 vertrokken de meeste joden uit Egypte.

De Ben Ezra-synagoge in Oud-Caïro, het oudste monument voor de joden in Egypte, wordt nog wel in stand gehouden. Nog in de jaren tachtig werd de synagoge uitgebreid gerenoveerd. Voor diensten wordt hij echter niet meer gebruikt.

Ben Ezra-synagoge in Caïro, Egypte

foto:Faris knight, CC 3.0 Unported no changes made

Egyptische goden

Over het algemeen hadden de goden van de oude Egyptenaren meerdere verschijningsvormen, overeenkomstig hun verschillende eigenschappen. De meeste goden werden in een bepaalde plaats of streek vereerd, sommigen wisten het tot rijksgod te schoppen.

Veel goden werden in dierlijke gedaantes afgebeeld. Daarbij werd eigenlijk niet het dier zelf vereerd, maar meer de kracht waarmee het geassocieerd werd. In de Late Tijd veranderde de dierenverering van karakter en werden de met de goden verbonden dieren zelf als heilig beschouwd.

Belangrijke goden waren:

AMON

God van de wind en de ‘levensadem’. Werd later beschermgod van Thebe en was tijdens het Nieuwe Rijk als Amon-Ra rijksgod van Egypte. Werd altijd afgebeeld als een menselijke gedaante, met een kroon met twee lange veren.

Hoofd van de god Amon

foto: publiek domein,

ANUBIS

God van de mummificatie en beschermer/gids van de doden in de onderwereld. Hij werd altijd voorgesteld als een zwarte liggende jakhals of hond. Ook wel als een met de kop van jakhals of hond.

APIS

De ‘heilige stier van Memphis’ was het symbool van kracht en viriliteit. Hij werd afgebeeld als een overwegend zwarte stier met een witte, driehoekige vlek op het voorhoofd en een zonneschijf met opgerichte cobra tussen de horens.

HATHOR

Hemelgodin, godin van muziek, dans, vreugde en liefde en beschermster van vrouwen. Werd voorgesteld als koe of als vrouw met koeienkop of -oren, met de zonneschijf tussen de horens.

ISIS

Symbool van toegewijd moederschap. Werd voorgesteld als vrouw met een troon op het hoofd, of met koeienhoorns, een zonneschijf en een troon.

Godin Isis voedt haar zoon Horus

foto: Wellcome Collection gallery, CC Attribution 4.0 Internationalno changes made

OSIRIS

Vruchtbaarheidsgod, later algemeen geassocieerd met de vruchtbaarheid van de bodem en de Nijl en de groei van de gewassen. Werd later ook heerser van het dodenrijk. Werd afgebeeld in mummiewindsels, met een groene huid, een met veren afgezette kroon en tekens van koninklijke en goddelijke macht: scepter, kromstaf en dorsvlegel.

RA

Zonnegod die zich manifesteerde als de zonneschijf. Ra werd voorgesteld als een man met de kop van een valk, met daarop een zonneschijf, omgeven door de ‘uraeus’ of opgerichte cobra.

SETH

Was het symbool van destructieve krachten, met name de woestijn, het onweer en de droge wind. Werd afgebeeld als mens met de kop van een afschrikwekkend fantasiedier en een dubbele kroon.

THOTH

God van maten, rekenkunde, wetenschap en kennis. Hij werd voorgesteld als een ibis of baviaan, of als een man met een ibiskop, het schrijfgerei in de hand.

Beeld van de god Thoth

foto: Wellcome Collection gallery, CC Attribution 4.0 International no changes made

Samenleving

Staatsinrichting

Tot 1952 was Egypte een monarchie. Op dit moment is Egypte een presidentiële republiek met een democratisch, socialistisch systeem, maar wél met een president die zeer veel bevoegdheden heeft. Er is vrijheid van godsdienstoefening, meningsuiting, vergadering en onderwijs. De wetgevende macht berust bij een parlement met twee Kamers.

De Volksvergadering (Majlis ash-Sha'ab), met een zittingsduur van vijf jaar, bestaat uit 454 leden, van wie 444 gekozen worden in algemene verkiezingen, en de overige 10 worden benoemd door de president. De meeste volksvertegenwoordigers zijn afkomstig uit de 176 kiesdistricten, die elk twee afgevaardigden kiezen. Minstens één van deze twee moet uit kringen van boeren of arbeiders komen. Daarenboven wordt er in ca. 30 districten nog een derde afgevaardigde, een vouw, gekozen. Leden van het parlement dienen minstens dertig jaar te zijn.

Daarnaast is er de Consultatieve Raad (Majlis ash-Shura) met 210 leden, van wie er 70 door de president worden benoemd en de rest direct wordt gekozen. De president moet geboren zijn uit Egyptische ouders en mag niet jonger dan 40 jaar zijn.

Bijeenmst ministers van butenlandse zaen Eurpse Unie en Arabische ga in Caïro, Egypte

foto: Estonian Foreign Ministry, Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

De uitvoerende macht berust bij de president en bij het kabinet. De president wordt voor een termijn van zes jaar gekozen door tweederde van het parlement, en kan eventueel herkozen worden. Deze keus moet bevestigd worden door een nationaal referendum. De president benoemt één of meer vice-presidenten en de ministers, is opperbevelhebber van het leger en kan noodmaatregelen afkondigen.

Ondanks de voorzichtige democratisering onder Moebarak zijn het politieke leven en de burgerlijke vrijheden nog steeds knellend en beknot. Veel verenigingen en groeperingen zijn uitgesloten van politieke deelname en wanneer ze zich niet aan de voorschriften houden, lopen ze de kans te worden verboden. Berucht is de ‘Wet op de Schande’ die verbiedt artikelen te publiceren of boeken te schrijven die ‘het imago van Egypte’ aantasten. Censuur is in Egypte dan ook een normaal gegeven. Voor de huidige politieke situatie, zie hoofdstuk geschiedenis.

Administratieve indeling

Egypte is bestuurlijk verdeeld in 27 ‘muhafazat’ of gouvernementen (governorates). Aan het hoofd van de gouvernementen, die onderverdeeld zijn in districten en gemeenten, staat een gouverneur, die benoemd wordt door de president.

Vanaf 1962 was elke invloed in het politieke bestel gekoppeld aan het lidmaatschap van de ASU, de Arabische Socialistische Unie, de partij van ex-president Nasser. In 1976 verloor de ASU echter haar monopoliepositie en werden andere politieke partijen toegestaan. In 1980 werd de ASU na een grondwetsherziening zelfs opgeheven en kreeg Egypte een zuiver meerpartijenstelsel. De huidige regerende partij, de Nationale Democratische Partij (NDP), geleid door president Hosni Moebarak, is de opvolger van Nassers ASU.

Hoofdkantoor NDP na een brand

foto: Sherif9282, Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported, no changes made

Onderwijs

Na de revolutie van 1952 werd het schoolwezen ingrijpend vernieuwd waarbij de algemene schoolplicht vanaf zes jaar in de grondwet werd opgenomen.

Het onderwijs in Egypte is gratis en tot twaalf jaar verplicht (al sinds 1923), maar veel kinderen, met name op het platteland, ontvangen geen of te weinig onderwijs. Veel kinderen moeten daar meehelpen op het land. Zo’n 80 tot 90% van de kinderen gaat op zijn zesde naar school, maar helaas verlaat ca. 30% binnen enkele jaren de school alweer. Als gevolg hiervan is het aantal analfabeten hoog, vooral onder vrouwen.

Doordat er elk jaar nieuwe plattelandsscholen bijkomen, is er een steeds groter gebrek aan gekwalificeerde leerkrachten en modern lesmateriaal. Door de snelle bevolkingsgroei wordt er soms in twee of drie ‘ploegen’ lesgegeven.

Na de basisschool volgen nog drie jaar middelbaar onderwijs; als dat succesvol doorlopen wordt geeft het recht op inschrijving aan een van de twaalf universiteiten van Egypte.

Er zijn ook verschillende zogenaamde ‘Training Centres’, een soort beroepsonderwijs waar vaklieden op verschillende gebieden worden opgeleid. Deze opleidingscentra vallen onder verschillende ministeries.

De geplande reorganisatie van het onderwijssysteem houdt een toename van verplicht onderwijs van zes tot negen jaar in, inclusief een uitgebreide technische opleiding. Hiermee wil men een toekomstig gebrek aan geschoolde arbeiders voorkomen.

Caïro Engelse school

foto; Lourdes Lanote, CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Egypte heeft zes grote universiteiten, waarvan de al-Azhar, de islamitische universiteit van Caïro, een groot aanzien geniet in het Midden-Oosten. De Universiteit van Caïro en de Ain Shams zijn wat meer seculiere universiteiten in de hoofdstad. Belangrijk is ook de American University en verder de universiteiten van Alexandrië en Asyut. In een aantal kleinere provincieplaatsen bevinden ook nog zes universiteiten. Uiteindelijk gaat ca. 10% van de Egyptenaren naar een universiteit of hogeschool

De al-Azhar universiteit is een van de oudste universiteiten ter wereld. De al-Azhar werd in 972 gesticht als moskee, maar ontwikkelde zich in 975 al tot een theologische universiteit.

Aanvankelijk was het onder de Fatimiden een sjiitische universiteit, die een weerwoord kon bieden aan de soennitische Abbasiden-kaliefen in Bagdad. Na de val van het Fatimiden-kalifaat werd al-Azhar omgevormd tot een soennitische universiteit.

al-Azhar universiteit in Caïro, Egypte

foto:Jorge Láscar from Melbourne, Australia CC Attribution 2.0 Generic No changes made

Binnen de soennitische wereld is de al-Azhar zeer prestigieus en moslimstudenten uit de hele wereld komen dan ook naar de universiteit. Nasser heeft geprobeerd om de al-Azhar van een louter theologische universiteit naar een algemene universiteit om te vormen. Dat is gedeeltelijk gelukt, de universiteit heeft op dit moment ook moderne vakken als ‘medicijnen’ in haar pakket.

Typisch Egypte

PIRAMIDES

Piramides in het oude Egypte zijn in feite de bovenbouw van een koningsgraf, opgetrokken op een vierkant grondplan en bestaande uit vier in een punt samenkomende vlakke zijden.

De afmetingen van de diverse piramiden verschillen, evenals de wijze waarop in het binnenste de gangen, (graf)kamers en andere ruimten en de valse deuren waren aangebracht.

Het materiaal van de piramiden is voornamelijk plaatselijke kalksteen, bekleed met van elders aangevoerde fijnere witte kalksteen en graniet. Voor de top, een afzonderlijk blok (‘piramidion’) gebruikte men gewoonlijk graniet, soms bedekt met goud.

De piramiden waren het centrale bouwwerk in een complex, dat verder onder andere een tempel voor de dodencultus van de gestorven koning omvatte.

Pyramides, Egypte

foto: Muhamed Ayman, CCAttribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Alle piramiden van Egypte liggen ten westen van de Nijl, op een plateau aan de oostrand van de Libische Woestijn. Egypte bezit momenteel nog 88 piramiden, waarvan er 43 koningsgraven zijn.

De oudste en grootste piramide van Egypte is die van Cheops. Deze piramide bestaat uit ongeveer 2,3 miljoen stukken kalksteen, die ieder zo’n 2,5 ton wegen (6,1 miljoen ton in totaal). Oorspronkelijk was de piramide 147 meter hoog, maar doordat de glanzende buitenste laag verloren is gegaan, is de piramide nu 137 meter hoog.

BUIKDANSEN

Ondanks de felle tegenstand vanuit de fundamentalistische hoek, zijn professionele buikdanseressen populair zowel onder mannen als vrouwen. Op grafreliëfs uit de faraonische tijd zijn naakte danseressen te zien, wier bewegingen als een buikdans (‘raqs sjarq’) kunnen worden uitgelegd.

Buikdanseressen vormen vaak de hoofdattractie op bruiloften en partijen, en de dansen zijn vaak een combinatie van folkloristische, zigeuner- en Osmaanse dansen. De danseressen spreken zelf liever over oriëntaalse dansen.

Buikdanskostuums zijn bezaaid met fonkelende pailletten, parelkettingen en stras. De buikdanseressen worden begeleid door muzikanten met fluiten, trommels en luiten.

Egyptische buikdanseressen

foto: Paul2018Jackson, CC Attribution-Share Alike 4.0 Internationalno changes made

ASWAN-DAM

De eerste dam werd door de Britten gebouwd tussen 1899 en 1902, toen de grootste dam ter wereld. De 30 meter hoge dam was aanvankelijk niet hoog genoeg, en werd enkele malen verhoogd tot hij in 1933 tot een hoogte van 42 meter opgetrokken werd.

De nieuwe dam, Sadd al-Ali, ligt zeven kilometer ten zuiden van de oude dam uit 1902. In 1955 werd er begonnen met het uitwerken van de bouwplannen, aanvankelijk onder leiding van Amerika en Engeland, tevens financiers van de bouw. Toen Nasser echter in 1956 het Suezkanaal nationaliseerde, haakten de westerse grootmachten af. Rusland bood toen aan om de dam te bouwen en te financieren, en in 1960 werd daadwerkelijk met de bouw van de enorme dam begonnen. In 1970 werden de werkzaamheden voltooid door 35.000 man personeel onder leiding van zo’n 800 Russen.

De bovenlengte van de dam is 3600 meter met een bovenbreedte van 50 meter. De hoogte boven het rivierbed is 110 meter en de dam doet het water stijgen tot 61 meter, van 121 tot 82 meter boven zeeniveau. Voor de bouw van de dam werd 42 miljoen m3 steen, zand, rots en leem gebruikt dat door een 155 meter diep in de ondergrond aangebracht ‘gordijn’ in de voormalige rivierbedding verankerd werd om te voorkomen dat de dam van onderen aangetast zou worden en uiteindelijk zou wegspoelen.

Aswan dam, Egypte

foto:unknown, Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Achter de dam is het Nassermeer ontstaan, met een lengte van 500 kilometer, waarvan een derde op Soedanees grondgebied ligt. De aanleg van de dam was echter zeer negatief voor de Nubische cultuur. Met het onder water lopen van hun dorpen en land verloren de Nubiërs een integraal onderdeel van hun culturele identiteit. Samen met de UNESCO werden vele monumenten naar hoger gelegen delen verplaatst, onder andere de rotstempel van Aboe Simbel. Een ander nadeel is dat de Nijl lang niet zoveel vruchtbaar slib achterlaat als gewoonlijk.

MUMMIES

De oude Egyptenaren geloofden in een eeuwig leven na de dood en dat betekende onder andere dat het lichaam van de dode gemummificeerd werd voor de hereniging met de ziel in het hiernamaals.

De echte mummificatie begon in de 4e dynastie met de ontwikkeling van kunstmatige balsemtechnieken. Tijdens de mummificatie werd het lichaam door speciale priesters ontdaan van organen en ingewanden, behalve het hart. Daarna werd het lichaam ontvocht met behulp van natron (een natuurlijk mengsel van natriumzouten) en opgevuld met onder meer mirre, kaneel, zand, klei en zaagsel en ingezwachteld. Tussen de windsels werden amuletten geplaatst.

Dit hele proces nam tussen de veertig en negentig dagen in beslag. Als laatste kreeg de mummie een beschilderd masker, gemaakt van linnen en gips en soms verguld. Dit dodenmasker werd op de mummie geplaatst om de ziel van de dode te helpen het lichaam te herkennen. Het lichaam werd daarna in een houten mummiekist gelegd of een stenen sarcofaag. Vaak werd de dode in een of meerdere mummiekisten en dan in een sarcofaag gelegd. Deze kisten of sarcofagen konden rechthoekig zijn of de vorm van de mummie hebben. De organen en ingewanden (lever, longen, maag, ingewanden) werden apart geconserveerd en bewaard in een eigen vaas ‘canope’.

Egyptische mummies in het British Museum

foto: Bram Souffreau, Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made\

Met het hart gebeurde iets bijzonders volgens de Egyptenaren. Een jury van goden zat de ceremonie voor, waarbij werd besloten of de overledenen het eeuwige leven verdiende. De jakhalsgod Anoebis woog het hart tegen de ‘veer der waarheid’. Als het hart te zwaar was, werd het aan het monster Ammoet gegeven, die het vervolgens opat. Bij evenwicht leefde de dode voor eeuwig.

Naast belangrijke wereldse bezittingen, werd de mummie meestal begraven met grafobjecten, zoals de al eerder genoemde amuletten, een aantal ‘sjabti’- beeldjes en een modelboot om de dode naar Abydos te brengen, de woning van Osiris, god van de onderwereld.

Natuurlijke mummificatie vond plaats in eenvoudige zandgraven. Het zand absorbeerde het lichaamsvocht, zodat het lijk uitdroogde en het weefsel geconserveerd werd.

Economie

Algemeen

De Egyptische economie wordt gekenmerkt door het loslaten van het Arabisch socialisme onder Nasser (een door de staat geleid economiesysteem) en het langzamerhand overgaan naar een vrijere economie onder Sadat en Moebarak. Nationalisaties werden teruggedraaid en buitenlandse investeringen aangemoedigd. Onder druk van het IMF dat in de jaren negentig diverse leningen verstrekte, werd de privatisering van de economie versneld, o.a. door nieuwe investeringswetgeving. Sinds de start van het privatiseringsproces in 1994 zijn er eind juni 2002 132 bedrijven geheel en 57 bedrijven gedeeltelijk geprivatiseerd. Nog eens 125 bedrijven hadden eind 2002 geprivatiseerd moeten zijn, maar dit is niet gelukt.

Maar een verbetering van de economische toestand trad niet in. Door de sterke bevolkingsgroei is het tekort aan arbeidsplaatsen steeds nijpender geworden.

Toerisme was altijd een sterke pijiler onder de economie, maar sinds de onrust van 2011 is het aantal toeristen dramatisch gedaald.

Economische blokken in de Arabische Liga

foto: User:Roxanna, Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made\

In 2017 was officieel 11,9% van de beroepsbevolking werkloos en werkten ca. 2 miljoen Egyptenaren in het buitenland, voornamelijk in Saoedi-Arabië (924.000), Libië (333.000), Jordanië (227.000) en Koeweit (191.000). De werkloosheid onder hoog opgeleiden is erg hoog, ca. 45%. Veel hoog opgeleiden, trouwens ook steeds met laag opgeleiden, zoeken in het buitenland naar werk. Zo is er een zekere ‘brain-drain’ op gang gekomen naar andere landen. Toch zijn al die Egyptenaren in het buitenland van geweldig belang voor de Egyptische economie. Ze sturen namelijk jaarlijks miljarden euro’s naar hun vaderland, een belangrijke bron van inkomsten.

Hoewel ongeveer 25,8% van de beroepsbevolking werkzaam is in de landbouw, is de opbrengst van die sector relatief laag, 11,8% van het bnp. De Egyptische economie wordt op dit moment gedomineerd door de dienstensector, met een aandeel van ca. 49% in het totale bnp. (2013) Mijnbouw en industrie vormen ook een belangrijke bron van inkomsten voor Egypte.

Landbouw, veehouderij en visserij

De landbouw is nog steeds een belangrijke sector voor de economie, zowel wat betreft werkgelegenheid als door zijn aandeel in de Egyptische export.

In 1962 werd het grondbezit van de boeren of ‘fellahs’ (Arabisch voor ‘bewerkers van de grond’) in principe beperkt tot 100 feddans (1 feddan = 0,42 ha), maar in 1981 had 95% van alle landbouwbedrijven niet meer dan 5 feddan; het gemiddelde is slechts 0,9 feddan. Door verbetering van irrigatie- en drainagetechnieken en het klimaat is de beschikbare cultuurgrond uitgebreid tot ca. 6 miljoen feddans (= ruim 36.000 km2), zo'n 4% van het gehele land, die twee, soms drie oogsten per jaar opleveren. Ook is de productieopbrengst per feddan toegenomen, maar door de snelle bevolkingsgroei heeft dit niet geleid tot een vermindering van de voedselimport.

Boeren in Opper-Egypte

foto: Mmelouk, Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Ook is de uitbreiding van de cultuurgrond onvoldoende. Sinds in 1970 de Hoge Dam bij Aswan werd voltooid, kon het agrarisch areaal vergroot worden met ca. 5000 km2, maar veel cultuurgrond ging ook weer verloren door stedenbouw en verzilting.

Egypte is 's werelds belangrijkste leverancier van langvezelige katoen en de zesde katoenproducent van de wereld. De hoogwaardige Egyptische katoen wordt voor een deel geëxporteerd terwijl Egypte voor zijn eigen behoeften mindere kwaliteiten katoen importeert Syrië, Turkije en de Verenigde Staten.

De rijstverbouw wordt steeds belangrijker. Egypte heeft de grootste rijstproductie van Afrika en neemt de tweede plaats in bij het verbouwen van maïs en rietsuiker. Verder worden nog granen, groenten, (citrus)vruchten en aardappelen verbouwd.

Egypte produceert enkele tientallen soorten fruit en groente en sinds 1987 kent de tuinbouwsector een sterke groei. Het aantal kassen bedraagt meer dan 20.000 met een productie van ca. 80.000 ton. De meest gekweekte kasproducten zijn komkommers, tomaten en paprika’s.

Egypte voorziet voor 50% zelf in zijn behoefte aan landbouwproducten. Uitgevoerd worden aardappelen, uien, citrusvruchten, meloenen, witte druiven, aardbeien, paprika’s en kruiden. Nederland kent vooral de Egyptische sperziebonen.

Veld met kool, Egypte

foto:unknown Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De veehouderij levert een kwart van de landbouwbijdrage aan het bruto nationaal product. De meest voorkomende soorten groot vee (vnl. gebruikt voor melk- en vleesproductie, maar ook als last- en trekdier) zijn runderen, buffels, schapen en in mindere mate ezels en geiten. Toch moeten veel zuivelproducten en vlees ingevoerd worden. Met name veel jong vee wordt geïmporteerd. De totale melkproductie in 2000 werd geschat op 2,8 miljoen ton, onvoldoende om aan de binnenlandse vraag te voldoen. Ook worden kamelen gehouden.

Door de bouw van de Aswandam is de visvangst in de Middellandse Zee (sardines, garnalen) grotendeels verloren gegaan. De binnenvisserij (o.a. in het Nassermeer, achter de dam) levert 80% van de totale vangst.

Aardolie, aardgas, delfstoffen en energievoorziening

De aardolie-industrie is van groot belang voor de economie. De voornaamste velden liggen in de Golf van Suez, in de Sinaï en in de gebieden van de meer recente vondsten: de velden van El Alamein, Yidma, Aboe Gharadek en al-Razzak in de Westelijke Woestijn. In 1968 is Egypte een olie-exporterend land geworden.

Egypte, dat geen lid is van de OPEC, produceerde in de jaren zeventig ruim 400.000 vaten per dag. Eind jaren tachtig was dit zo'n 600.000 vaten per dag en in 1997 produceerde Egypte per dag tussen de 800.000 en 900.000 vaten per dag. Hiervan werden er ca. 170.000 geëxporteerd. Omdat Egypte geen lid is van de OPEC, kan de Egyptische regering zelf de prijs van de olie vaststellen.

Olieraffinaderijcentra zijn Alexandrië en Caïro. Er is een netwerk van pijpleidingen om de olie te vervoeren. De pijpleiding met de grootste capaciteit is die van Suez naar de Middellandse Zee.

In 1974 zijn er aardgasvelden ontdekt bij Aboe Madi in de Nijldelta. Andere velden liggen bij Aboe Gharadek in de Westelijke Woestijn (1976) en in Aboekir, vlakbij Alexandrië (1977). De gasreserves werden in 1997 geschat op 935 miljard m3. Het aardgas wordt uitsluitend gebruikt voor binnenlandse consumptie; aan uitvoer wordt pas gedacht wanneer het land zelf voor minstens 40 jaar genoeg heeft.

Logo van de Egyptische oliemaatschappij Misr

foto: Marc Ryckaert, CCAttribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Andere belangrijke delfstoffen zijn fosfaat, ijzer, zout en mangaan, grotendeels onontgonnen. Steenkool wordt gevonden in de Sinaï-woestijn en ijzererts in de Bahariya-oase en bij Aswan. Voor de landbouw zijn de fosfaatmijnen in de Arabische en Libische woestijn van belang, die de grondstof leveren voor de kunstmest die de grond vruchtbaar moet houden nu het slib van de Nijl achterblijft in het Nasser-meer. Verder is er wat goud in de Arabische Woestijn, de Sinaï levert marmer en Aswan een beroemde, rode granietsoort. In de Arabische Woestijn wordt ook nog chroom en mangaan gevonden.

Ten zuiden van Caïro, bij Heluan, staat de grootste staalfabriek van Afrika en bij Naj’Hammâdî de grootste aluminiumsmelterij.

Voor de energievoorziening is Egypte sterk afhankelijk van de Aswan-dam.

Industrie

ALGEMEEN

De industriële productie steeg tussen 1950 en 1970 met ca. 20% en sindsdien jaarlijks met ca. 5%. Er is een overschot aan goedkope arbeidskrachten, maar een tekort aan technisch geschoolden. De meeste bedrijven staan bekend om hun inefficiëncy, onderbezetting en tekort aan kapitaal. Sinds 1977 voert Egypte een beleid om meer buitenlands kapitaal aan te trekken en de vele staatsbedrijven te privatiseren.

Egyptische man aan het werk in zijn werkplaats

foto: Ahmed Emad H, CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

De meeste industrieën liggen in en rond de grote steden van de Nijldelta (Caïro, de vrijhandelszone Port Said, Alexandrië); de voornaamste industriële sectoren zijn de textielindustrie en de voedingsmiddelenindustrie (ca. 57% van de industriële productie). De zware industrie wordt steeds belangrijker, zoals de ijzer- en staalindustrie in Helwan en de aluminiumindustrie in Nag Hammadi. Andere kleine industrieën zijn o.m. cement-, auto- en elektronische industrie. Sinds 1980 is er een sterke ontwikkeling van de wapenindustrie.

KLEDING EN TEXTIEL

De textielindustrie is één van de belangrijkste industrieën in Egypte. Er werken meer dan 1 miljoen mensen in deze sector. De belangrijkste textielcentra zijn Mahallah al-Kubra en Kafr al-Dawar.

Door verouderde technologieën en machines zullen veel bedrijven hun deuren moeten sluiten. Deze machines kunnen namelijk alleen dure geïmporteerde katoen verwerken. Modernisering van het machine park heeft dan ook de hoogste prioriteit.

Vele locale producten worden op markten verkocht

foto: Marwa elchazly, CC Attribution-Share Alike 4.0 International no change made

FARMACEUTISCHE INDUSTRIE

De Egyptische farmaceutische industrie in een echte groeisector, jaarlijks meer dan 10%. Egypte is de grootste producent van farmaceutische producten in het Midden-Oosten en Noord-Afrika met een aandeel van 30%. Een klein gedeelte van de totale productie wordt geëxporteerd, vooral naar omringende landen.

Farmaceutische grondstoffen en eindproducten worden vooral geïmporteerd uit Frankrijk, Zwitserland, België, Duitsland en de Verenigde Staten. De import bestaat vooral uit insuline, vaccins, medicijnen en babymelk.

ICT

De markt voor informatietechnologie is sterk in opkomst. Medio 2001 had Egypte ongeveer 60 internetproviders en meer dan 800.000 internetgebruikers. In januari 2002 is gratis internet beschikbaar gekomen.

Het aantal mobiele telefoons groeit sterk. De verwachting is dat dit aantal binnen enkele jaren verdubbeld zal zijn.

De productie van zelf gemaakte hardware is nog zeer beperkt; 60% van de computersystemen wordt samengesteld uit geïmporteerde componenten.

Elektronisch zakendoen staat nog in de kinderschoenen door het lage aantal internetaansluitingen en het nog zeer beperkte gebruik door de bevolking van creditcards.

Handel

De handelsbalans van Egypte vertoont al vele jaren tekorten en dat zal waarschijnlijk ook altijd zo blijven. In 2017 werd totaal voor US$ 23,5 miljard uitgevoerd en voor US$ 53 miljard ingevoerd, en dus is het tekort op de handelsbalans groot.

Overzicht export Egypte

foto: Celinaqi, Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

De voornaamste uitvoerproducten zijn katoen en olie en olieproducten, textielproducten en rijst. De uitvoer naar Nederland betreft vooral minerale brandstoffen en mineralen

De belangrijkste exportgebieden zijn de voormalige Sovjet-Unie, de EU-landen (vooral Italië, Griekenland) en de Verenigde Staten.

Veel consumptiegoederen moeten worden ingevoerd (vooral tarwe). Verder worden machines, chemicaliën, transportmiddelen en metaal ingevoerd. De meeste import kwam uit de EU-landen (vooral Duitsland, Italië en Frankrijk) en de Verenigde Staten en Japan. De Nederlandse export naar Egypte bestaat vooral uit voedingsmiddelen, chemische producten, machines en vervoermiddelen.

De handel met Arabische landen is nog maar gering, 4,9% van de totale invoer en 8% van de totale uitvoer. De belangrijkste Arabische afzetmarkten zijn Libië, Saoedi-Arabië, Jordanië en de Verenigde Arabische Emiraten. Om de handelsbetrekkingen met de Arabische te intensiveren streeft Egypte naar een Arabische vrijhandelszone.

Verkeer en toerisme

Goede wegen verbinden Caïro en Alexandrië, de steden langs het Suezkanaal en die in Opper-Egypte. Het Egyptische wegennet is in de jaren tachtig sterk uitgebreid en beslaat in totaal meer dan 45.000 km. Op 14 november 1980 werd de Ahmed Hamdi tunnel onder het Suezkanaal geopend. De kustweg naar Libië en de verbinding met Soedan werden verbeterd.

Westelijk ingang Ahmed Hamdi tunnel

foto: Zehnfinger, Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Al in 1851 had Egypte een spoorwegnet. In 1990 bedroeg de totale lengte 7726 km. De Egyptische spoorwegen vervoeren per jaar ca. 800 miljoen passagiers en 12 miljoen ton vracht. In 1987 werd het metronet in Caïro in gebruik genomen. De Europese Investeringsbank financiert de uitbreiding van de zuidelijke metrolijn 2 in Caïro.

Na de treinramp van begin 2002 heeft de Egyptische overheid 250 miljoen euro gereserveerd voor de modernisering van de spoorwegen, o.a. voor de aankoop van nieuwe wagons en locomotieven.

De nationale luchtvaartmaatschappij vn Egypte is EgyptAir, volledig eigendom van de Egyptische overheid met als basis Caïro en als hub Caïro international Airport. EgypAir vliegt, naast regionale bestemmingen, op meer dan 50 bestemmingen in Afrika, Australië, Europa, Midden-Oosten, Verre-Oosten en de Verenigde Staten.

EgyptAir, nationale luchtvaartmaatschappij van Egypte

foto Aero Icarus from Zürich, Switzerland, CC 2.0 Generic no changes made

De belangrijkste havens zijn Alexandrië, Port Said en Suez. Een nieuw groot havencomplex kwam in 1986 gereed bij Damietta. In 1985 werd een veerdienst in gebruik genomen tussen Nuweibeh aan de Rode Zee en de Jordaanse haven Akaba. De waterwegen zijn belangrijk als transportmogelijkheid. De totale lengte bedraagt 3350 km, waarvan bijna de helft door de Nijl gevormd wordt; de rest bestaat uit kanalen.

De regering wil de havens aan de Middellandse Zee en de Rode Zee uitbreiden. Ten westen van Alexandrië wordt een nieuwe haven gebouwd: Dakheila, met een capaciteit van 20 miljoen ton goederen overslag per jaar.

Wat de binnenvaart betreft is het beter bevaarbaar maken van de Nijl de belangrijkste taak van de regering.

Het Suezkanaal is na de inkomsten van in het buitenland werkende Egyptenaren een van de grootste bronnen van buitenlandse valuta.

Suez-kanaal, inkomstenbron voor Egypte

foto: Mmelouk, Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Vakantie en bezienswaardigheden

De nationale luchtvaartmaatschappij Egypt Air verzorgt binnenlandse en buitenlandse vluchten. Caïro en Alexandrië beschikken over een internationale luchthaven, in totaal heeft Egypte achttien luchthavens. Per jaar worden er ca. 12 miljoen passagiers verwerkt, waarvan ca. 8 miljoen uit het buitenland. Tot 2007 zijn er in Egypte zeven nieuwe luchthavens gebouwd, een investering van ca. 900 miljoen euro. De particuliere sector speelt hierbij een grote rol, evenals bij het moderniseren van nog eens 16 luchthavens. Veel toeristen maken gebruik van last minute vluchten naar egypte.

Caïro International Airport, Egypte

foto:Ad Meskens / Wikimedia Commons CC 3.0 Unported no changes made

In de tweede helft van de jaren zeventig heeft het toerisme zich met overheidssteun krachtig hersteld van de tegenslagen, veroorzaakt door de oorlogen met Israël. De Golfcrisis en aanslagen door moslimfundamentalisten deden de sector geen goed. Zo lag de bezettingsgraad van hotels in de periode na de aanslagen in Amerika rond de 30%. In het eerste kwartaal van 2002 was dit percentage alweer gestegen tot 60%. Al deze gebeurtenissen maakten nog maar eens duidelijk dat het toerisme een zeer kwetsbare tak van de economie blijft.

In 2002 bezochten ruim 52 miljoen toeristen Egypte. Het toerisme (een van de weinige groeisectoren van de economie) richt zich voornamelijk op de grote monumenten van de Egyptische beschaving en in toenemende mate op de Rode-Zeekust. De toeristen komen voornamelijk uit de Verenigde Staten, Italië, Spanje, Verenigd Koninkrijk en Frankrijk.

De stad Cairo is zeker een bezoek waard. De voornaamste attractie is het Egyptisch museum. Je vindt hier kunstschatten uit alle periode van de geschiedenis van Egypte met als absolute hoogtepunt het dodenmasker van Toetanchamon een jonge farao die leefde in de 14e eeuw voor Christus. De grafkamer werd pas in de vorige eeuw ontdekt en in het museum zie je ook de grafgiften, de gouden kist en de troon van Toetanchamon.

Egyptisch Museum, Caïro, Egypte

foto: Bs0u10e01, Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made

In de buurt van Cairo om meer precies te zijn in Gizeh staan de beroemde piramides van Gizeh en de Sfinx. Er staan drie grote piramides vlakbij elkaar met als grootste en meest beroemde die van Cheops. Het enorme beeld van een sfinx is omgeven door mysteries. De afmetingen zijn: lengte 73 meter, breedte 19 meter en het beeld is 20 meter hoog. De meest gangbare theorie is dat de sfinx diende als bewaker van de piramides en te maken heeft met de god Horus. Het kan druk zijn bij de piramides en het is aan te bevelen om tickets van te voren te kopen.

Pirimide van Gizeh en sfinx

foto: Kurohito, Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

In het dal of ook wel de vallei van de koningen bij Luxor vind je meer dan zestig koningsgraven. Het is de beroemdste archeologische vindplaats van Egypte. De meeste farao’s van het nieuwe rijk werden hier begraven. Het eerst ontdekte graf was van Ramses VIII en het laatste dat van Toetanchamon. De meeste kostbaarheden zijn nu te zien in het Egyptisch museum in Cairo. Maar het is magisch om de graven te bezoeken en te bedenken wat zich hier allemaal heeft afgespeeld.

Even ten noorden van de stad Luxor kun je ook de tempels van Karnak bezoeken. Je vindt hier een tweetal tempelcomplexen verbonden aan Amon-Re en Moet (Mut). Het is een gigantisch complex, waarschijnlijk het grootste religieuze bouwwerk ter wereld en na de Piramides van Gizeh de meest bezochte archeologische vindplek van Egypte. De tempel van Amon-re is open voor het publiek en je kunt er met gemak een halve dag rondwalen, vooral de grote zuilenzaal is indrukwekkend.

Karnak, tempel van Ramses III

foto: Marc Ryckaert, Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made

Veel toeristen bezoeken ook de stranden aan de Rode Zee die bekend staat vanwege de mooie koralen en tropische vissen die je daar ziet. Het is dus een prima plek om te duiken en je kunt er ook je duik brevet halen. De bekendste plaatsen zijn Marsa Alam, Hurghada, Sharm el Sheikh, El Gouna en Makadi Bay, allen afzonderlijk beschreven op aparte pagina’s van landenweb.

Koraal in de Rode Zee

foto: kallerna, Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Klik op de menuknop bovenaan het scherm voor meer informatie

EGYPTE LINKS

Advertenties
• Fox verre reizen van ANWB
• Naar Egypte met Sunweb
• Egypte Tui Reizen
• Rondreizen Egtpte
• Egypte Vliegtickets.nl
• Djoser Rondreizen Egypte
• Cairo Vliegtickets Tix.nl
• Egypte Hotels
• Autoverhuur Sunny Cars Egypte

Nuttige links

Dieren in Egypte (N)
Egypte City.nu (N)
Egypte Favorietje (N)
Egypte informatie - Reizendoejezo (N)
Egypte Reisstart (N+E)
Egypte StartBelgië (N)
Lies en Teijes Reiswebsite (N+E)
Reisinformatie Egypte (N)
Rondreis door Egypte (N)
Rondreis Egypte (N)
Uitgebreid Foto- en Reisverslag Egypte (N)

Bronnen

Ambros, E. / Egypte

Het Spectrum

Botje, H. / Egypte : mensen, politiek, economie, cultuur, milieu

Koninklijk Instituut voor de Tropen

Dunford, J. / Egypte

Van Reemst

Grünfeld, R. / Reishandboek Egypte

Elmar

Innemee, K. / Egypte

Gottmer/Becht

Kreissl, B. / Egypte

Elmar

Laet, R. de

Egypte

Rooi, M. de / Egypte

ANWB

Sattin, A. / Egypte

Van Reemst

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt April 2021
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems